Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for the ‘Radio’ Category

Serial

Ik heb het hier nog al gezegd; ik ben al sinds kleins af aan een radiofanate. Dat ik ben opgegroeid in een redelijk TV-loze omgeving zal die afwijking nog wat gevoed hebben, maar dit geheel terzijde. Op woensdagnamiddag zette ik mij op het aanrecht, met mijn oor heel dicht tegen de radio geplakt waar toen een kinderprogramma speelde. Mijn ouders deden een dutje, dus dat luisteren moest in alle stilte gebeuren. Toen ik groter was, werd er tijdens het zondagse ontbijt op de billen gekletst van plezier met de fratsen van Marc Uytterhoeven en co in het humoristische programma ‘De Taalstrijd’. Het eten over de middag was iets saaier, dat ging vergezeld van ‘Opera en Belcanto’ of zoiets.

Ik vind radio over het algemeen spannender dan televisie. Het mysterieuze medium van warme stemmen prikkelt de verbeelding meer dan de flitsende beeldtaal op een scherm. Er gaan weinig dingen boven lange autoritten tijdens de vakantie die vergezeld gaan van een fijne radio-uitzending. De soundtrack van je roadtrip kan jaren na datum nog flashbacks oproepen aan een stofspoor in de woestenij van Nevada, tricky gravel roads in Nieuw-Zeeland of een zonovergoten rit langs de kust van Griekenland.

Je moet er natuurlijk wel je radiostations voor weten uit te kiezen, en ik merk ook van mezelf dat ik meer en meer de doordeweekse radiostations links laat liggen. Klara is vaste prik, zeker ’s avonds. Radio 1 en Stubru werken al snel op de zenuwen, behoudens hier en daar een programma of een flard ervan.

Begin dit jaar zag ik een hip jongmens ergens beweren dat 2015 het jaar van de podcast zou worden. Speciaal voor mijn moeder en andere oude mensen: een podcast is een soort radio-uitzending, but not as you know it, Jim. Het kan een regulier radioprogramma zijn dat je uitgesteld beluistert of een uitzending van een internetradiostation bijvoorbeeld. Er zijn ook thematische podcasts over de meest uiteenlopende onderwerpen, waarbij een uur of langer doorgeboomd wordt over Thomas van Aquino, de mijnwerkers in de Borinage of de dopingperikelen van Lance Armstrong.

Begin dit jaar stootte ik bij toeval op de radioreeks ‘Serial’. Een modern hoorspel, maar dan echt gebeurd. In 12 afleveringen probeert journaliste Sarah Koenig de moord op de tiener Hae Min Lee te ontrafelen. Het meisje werd in 1999 gewurgd teruggevonden in een park in Baltimore County. Haar ex-vriendje, Adnan Syed, toen 17, wordt niet veel later gearresteerd en uiteindelijk veroordeeld wegens moord. Tot op vandaag houdt hij echter zijn onschuld staande. Doorheen de reeks probeert Koenig inzicht te verwerven en antwoord te krijgen op haar vragen. Is Syed een koudbloedige maar charmante psychopaat die haar in het ootje neemt? Heeft de verdediging de zaak verkloot? Liegt de belangrijkste getuige? Het resultaat is in elk geval een goed gemaakt en enorm gesmaakt hoorspel, met cliffhangers en plotwendingen. Ik kon er in elk geval maar moeilijk genoeg van krijgen. In de loop van 2015 zou er een tweede reeks volgen.

Langs de andere kant: ethisch gezien is het een evenwichtsoefening op de slappe koord. Wat als uiteindelijk de zaken toch klaar en simpel te zijn? Waarom moesten ouders en kennissen, oude getuigen dan nog eens doorheen de hele zaak gaan, met het onvermijdelijke gevolg dat oud zeer nog eens opgerakeld werd. Maar waarschijnlijk ligt daarin net de aantrekkingskracht van de reeks: namelijk de wetenschap dat het een ‘echt’ verhaal is, met protagonisten die werkelijk bestaan en waarvan er – hoe je het ook draait of keert – minstens 1 is die liegt alsof het gedrukt staat.

Nog een aantal andere podcast-aanraders:

  • Op Klara vind je er heel wat. Er is de bijzonder amusante reeks Rebelse Ritmes van Matthijs de Ridder over de invloed van jazz op de Europese literatuur. 20 korte afleveringen,  en allemaal zeer smakelijk verteld.
  • Daarnaast zijn er op Klara ook nog podcasts te vinden over Walschap, Joseph Roth, Simenon, Shakespeare, … Voor elke liefhebber wat wils.
  • Op woord.nl is er het Claus project: een aantal toneelstukken van Hugo Claus bewerkt tot hoorspel. Je moet ze wel streamen, wat niet altijd even handig is.
  • Uitkijken doe ik naar het hoorspel van Maarten Inghels en Katharina Smets, Rum en Roem genaamd. Over de invloed van rum op de Europese literatuur, en dat nog zal worden opgevoerd op 26 maart tijdens Tumult in Gent (locatie nog niet bekend, en het is gratis ende voor niets, zoals men in een echte sossenstad kan verwachten).

Advertenties

Read Full Post »

Gisteren onder een slecht gesternte dan toch maar naar het tweede deel van Nymphomaniac gaan kijken. Nieuwsgierigheid, daar is de kat aan doodgegaan. In zaal 5 van – jawel – de Studio Skoop ging de nymfomane haar vierde week in, en het volk stroomde massaal toe om dat te bekijken. Beetje jammer wel dat zaal 5 hoop en al plaats biedt aan pakweg 50 man/vrouw, dus het werd een beetje schuiven en verschuiven om niet met je neus op het scherm te zitten.

Maar goed. Na afloop zei mijn lief dat het De Wereld van Sofie was, maar dan voor seksverslaafden. Charlotte Gainsbourg in de huid van emotioneel kille vrouw die niet in staat is enige band met de wereld aan te gaan. Functioneert niet op het werk. Brengt haar kind in gevaar, laat uiteindelijk haar gezin in de steek. Masturbeert obsessief tot bloedens toe. Maar het is de maatschappij die ‘hypocriet’ is.

Von Trier stapelt de clichés op: de zwaar geschapen zwarte man. Een rant over hoe ‘de maatschappij’ diegenen die het goed kunnen zeggen maar slecht menen aanbidden en omgekeerd. Het is moeilijk om daar niet een verongelijkte verwijzing in te zien naar Von Triers rampzalige passage op Cannes van enkele jaren geleden. Afsluiten met een ontknoping die voor niemand onverwacht is.

Op het einde een rant over de dubbele standaarden waaraan vrouwen en mannen worden afgemeten. Jaja, we weten het wel, maar het extreme voorbeeld dat in de film wordt opgevoerd is niet echt een geloofwaardig rolmodel om om die realiteit aan te klagen.

Het zal wel aan mij liggen, maar ik word enigszins moedeloos van die mooi verpakte gebakken lucht. Dan nog liever het waarlijk hersenloze entertainment van een gemiddelde Hollywoodflick, dan dit gezwets waarmee men onder een bepaald slag intellektuelen wel zal scoren. Het soort mensen dat op Instagram enkel in beeld komt met de juiste boeken opengeslagen en incheckt in de juiste restaurants. Het soort mensen dat de minder hippe medemens wel mee wil op reis om de kosten te delen, maar achteraf zorgvuldig een fotoalbum samenstelt zonder de minder modieuze derde in beeld.

Op zondag luister ik ’s avonds tussen zes en acht naar Opus 14-18 op Klara. (Ach, meerwaardezoeker, laat vallen toch het hinkelspel der itempjes waarmee men tegenwoordig op Radio1 om de oren wordt geslagen, en laaf u aan de podcasts van Klara of France Culture of France Inter). In dat Opus wordt u gedurende 2 uren meegevoerd richting Groote Oorlog, zonder de vervuiling die human interest heet. Neen, op Klara wordt nog onbeschaamd aan volksverheffing gedaan, al mag het waarschijnlijk per decreet niet meer zo genoemd worden. Een stuk over ‘Treurend Ouderpaar’, het beeldhouwwerk van Käthe Kollwitz dat het kerkhof in Vladslo siert. Historica Sophie De Schaepdrijver nuanceert het beeld van de pacifistische kunstenares en haar protest tegen de oorlog. Volgens haar is het beeld een ode aan de opoffering van haar zoon en tegelijkertijd aan de ongeveer 65 miljoen jonge mannen die sneuvelden toen. Dan Rudyard Kipling wiens zoon ook viel, daar ergens in de Vlaamse polders. Volgens M. werd vorig jaar nog zijn stoffelijk overschot ergens gevonden. ‘Ze halen er daar elk jaar nog ik weet niet hoeveel skeletten boven’, zegt hij. Ik krijg een visioen van een boer die bieten oogst die groeien uit de buiken van gevallen soldaten, van aarde die gevet wordt door hun bloed en opengereten ingewanden.

Ik doe die opoffering gauw af als zinloos, wreed, overbodig. Niet meer van deze tijd, gelukkig maar. Vandaag staat Kiev in brand en geven jonge mensen hun leven voor grote woorden als Vrijheid en Democratie. Ik lach met mezelf als ik me realiseer hoe onconsequent dit denken is.

Read Full Post »

Een lans voor Klara.

Op het facebookprofiel van mijn moeder zie ik door middel van haar virtuele duim omhoog de pagina “Ja, ik luister naar Joos op Radio 1” verschijnen. Ja, ik luister ook naar Joos op Radio 1 als het kan. Meestal kabbelt het programma vriendelijk verder op de achtergrond terwijl ik aan het werk ben. Ruth Joos heeft een aangename stem, een vlekkeloze uitspraak en als ik de verzamelde auteurs en acteurs mag geloven die de laatste weken over elkaar heen vielen om schande te roepen over de aankondiging dat het programma zal afgevoerd worden beschikt ze over een warme persoonlijkheid en zoveel liefde voor haar vak dat ze zelfs de boeken las die zich ter bespreking aandienden. Als ‘Joos’ (het programma, niet de vrouw!) een hond was, dan vast een goudgele labrador. Zo eentje die altijd vrolijk blaffend en met wapperende oren de weggegooide stok netjes komt terugbrengen en die je rustig kunt vertrouwen met de kleine. Het is moeilijk om boos te worden op lieve labradors, je voelt je altijd een beetje een miserabele klootzak als je zo’n beest een uitbrander geeft.

Terwijl ‘Joos’ nog voor even gemoedelijk door de ether zweeft werd op Klara geruisloos het cultuurprogramma ‘Babel’ afgevoerd. Als ‘Joos’ (het programma, niet de vrouw!) een labrador is, dan was ‘Babel’ een dolfijn of zo. En dan heb ik het niet over zo’n sufgetraind dier dat ter vermaak van kleine kinderen en hun grootouders in één of ander dolfinarium rond tuimelt in ruil voor een haring. Nee, Babel was nieuwsgierig, buitelend, verfrissend, onverwacht. Babel was de schatkist op de stoffige zolder van je grootmoeder en waar je onverwacht de ene na de andere onontdekte parel kon opdiepen. Het kon al eens een kwartier of langer over opera gaan, bijvoorbeeld. En in tegenstelling tot ‘Joos’ viel er al eens een woord van gefundeerde kritiek te horen. Zo luisterde Erna Mettepenningen eens een autorit huiswaarts op door minutenlang ongecensureerd haar gal te spuwen over de enscenering van ‘Carmen’ door de Amerikaanse regisseur Daniel Kramer. Gloeiend van verontwaardiging en met een Gents accent dat steeds sterker leek te worden wond ze zich op over de vulgariteit ervan en hoe het hoofdpersonage werd gereduceerd tot nauwelijks meer dan goedkope hoer en hoe dat de oorspronkelijke tekst en boodschap van het personage geen recht deed. Maar het was wel goed gezongen, voegde ze er achteraf nog aan toe. Ik zat bijna te schateren achter het stuur, en ik heb thuis direct gekeken of ik nog een ticket kon kopen voor de voorstelling. Niet omdat ik de kritiek niet geloofde, maar omdat ik me beter zou gewapend gevoeld hebben tegen de eigenzinnige interpretatie van de regisseur.

In ‘Babel’ werden ook de minder aaibare kneusjes van cultuurland gedoogd. Enfin, kneusjes. Ik bedoel eigenlijk de dichters of de auteurs die minder mainstream zijn dan Bart Moeyaert bijvoorbeeld. (Niets tegen Bart Moeyaert hoor, maar soms wordt een mens een beetje moe van al die labradors). Zo mocht Annemie Tweepenninckx eens Judith Herzberg interviewen in een studio in Hilversum, terwijl Annemie in Brussel zat. De wonderen der techniek hé! Het moest gaan over de nieuwe bundel van de dichteres, ‘Klaagliedjes’. Haar interpretatie van het Bijbelboek ‘Klaagliederen’ was dat. Wie zich het moeizame interview van Joos met Nolens nog herinnert moet zeker eens het gesprek tussen Tweepenninckx en Herzberg beluisteren. (Dankzij de wonderen der techniek kan dat hier). Ik hoorde het, alweer toen ik van het werk naar huis reed en ik klemde mijn handen om het stuur toen. Het ging hortend en stotend, het misverstand regeerde. Toen alsnog ontdooiing en een interview dat kleurde buiten de lijntjes van de regie. Achteraf zei Annemie Tweepenninckx dat ze haar twijfels had gehad om het uit te zenden, maar ik was heel blij dat de redactie toch besloot om het te doen.

Nu is Babel vervangen door een uurtje Pompidou. Ook cultuur, daar niet van. Maar wel een uur minder lang. Vorige week hoorde ik Yves Desmet  zich tijdens dat uurtje middels een voorgelezen cursiefje zijn beklag doen over de aangekondigde verdwijning van Joos. Hij besefte waarschijnlijk niet eens dat hij die uitspraak deed tijdens het tijdsslot waar tot voor enkele maanden een aantal mensen met hoorbare liefde voor hun vak een werkelijk uitstekend cultuurprogramma maakten. Moeilijk en compromisloos, en al helemaal zonder de makkelijke invulling van cursiefjes die de meningencultuur van vandaag zo nodig lijkt te hebben.

Waar Annemie Tweepenninckx is gebleven is me een raadsel. Misschien moet iemand wel eens Child Focus verwittigen en melding maken van een onrustwekkende verdwijning.

Begrijp me niet verkeerd, het is jammer dat Joos op het kapblok komt te liggen. Auteurs, acteurs, dansers, regisseurs en iedereen die van mainstreamcultuur zijn beroep heeft gemaakt zal op zoek moeten gaan naar een andere manier om zijn boek, film, bundel of voorstelling te pitchen. Bij Joos kan dat nog even, het is een programma op een grote zender dat door nogal wat mensen beluisterd wordt. Langs de andere kant: kunnen we ophouden met doen alsof we bij Joos terecht kunnen voor diepgaande analyses en ontdekkingen buiten de platgetreden paden? Zoals Peter Casteels op Apache al opmerkte wordt het programma voornamelijk gevuld met aankondigingen van de cultuurindustrie.

Het is een beetje tekenend voor de staat van wat we dan maar de intelligentsia van vandaag zullen noemen dat men – terecht hoor – op de achterste poten staat op het moment dat een programma als Joos dreigt afgevoerd te worden terwijl je niemand hoort over de geruisloze slachting van Babel. Uiteindelijk regeert de middenstand nog altijd het land.

Read Full Post »

Een hogedrukgebied.

Aah, de zomer komt er aan. Het weer wil voorlopig niet echt meespelen, maar de festivals moeten ons dat kleine euvel laten vergeten. En zoals elke zomer is ook Studio Brussel, de jongerenradiozender van de openbare omroep, van de partij om verslag uit te brengen van wat zich voor en achter de schermen van grote en kleine festivals afspeelt. Om hun aanwezigheid aan te kondigen heeft Studio Brussel samen met weervrouw Sabine Hagedoren een reclamefilmpje opgenomen dat door de makers ongetwijfeld als ‘ludiek’ zal bestempeld worden. Hagedoren doet alsof ze een weerbericht presenteert (sfeerbericht) terwijl er op de achtergrond allerlei festivalbeelden geprojecteerd worden. “Oh, kijk, een uitgetelde zatlap omringd door lege bekertjes!” “Oh, kijk, mensen die zot doen op een festival!” “Oh, kijk, een meisje dat op de grond ligt en inkijk biedt op haar decolleté!” Het beeld van het meisje met de borsten blijft overigens veel langer in beeld dan de andere foto’s, zeker omdat er – haha, humor – nog extra de aandacht wordt op getrokken door er isobaren rond te tekenen. De begeleidende tekst? ‘Door een hogedrukgebied is de luchtkwaliteit eerder ongunstig’. Hogedrukgebied! En dan tieten tonen! Hebt ge hem? Hebt ge hem??

Wie denkt dat dat soort seksistische kolder een ongelukkige uitschuiver is, die is er aan voor de moeite. Op de Twitteraccount van StuBru precies die still uit het reclamefilmpje (de borsten met de isobaren), net als op de Facebookpagina van Studio Brussel. De commentaren onder de foto laten zich raden.

Bubble Butt.

Tegelijkertijd met het bedenkelijke reclamefilmpje loopt op de zender de wedstrijd: Wie wordt de Major Lazer Bubble Butt van Studio Brussel?’. Voor wie het niet zou weten, ‘Bubble Butt’ is een nummer van de groep Major Lazer waarin nogal wat aandacht is voor vrouwen die ‘twerken’. Twerking is dan weer een specifieke dansstijl waarbij vrouwen schudden met hun kont, en die stijl vindt zijn oorsprong in een subcultuur (ratchet culture, bling, daggerig, …). Om maar te zeggen: er is niets inherent verkeerd met die manier van dansen.

Waar dan weer wel een heleboel mis mee is, dat is de wedstrijd van Studio Brussel. Er is ten eerste het campagnebeeld: een shot uit de clip van Major Lazer die 3 blote vrouwenkonten toont met de baseline ‘Wie wordt de Bubble Butt van Studio Brussel?’. Mocht er in de clip van Major Lazer al enige satirische ondertoon zetten, dan wordt die bij StuBru onmiddellijk en volledig onderuit gehaald. Vrouwen worden – net als in hun reclamefilmpje – nog maar eens herleid tot hun borsten of hun billen. Objectificatie dus, en het is bepaald problematisch dat een jongerenzender als StuBru dit soort seksisme goedkeurt en zelfs promoot.

Deelnemers aan de wedstrijd, waarbij een duo-ticket voor Rock Werchter te winnen is, moeten een filmpje van hun eigen ‘Bubble Butt’-kunsten insturen. De winnaar mag ook op het podium staan met Major Lazer tijdens het desbetreffende nummer. Op dit moment is er op de Facebookpagina 1 inzending te zien, die uiteraard opnieuw ongemodereerd van allerlei commentaar kan voorzien worden. Wat Studio Brussel hier doet is niets minder dan het uitlokken van ‘slutshaming’ reacties, waarbij vrouwen die zich niet volgens een bepaalde norm gedragen of kleden uitgescholden en belachelijk gemaakt worden.

Nergens op de wedstrijdpagina of elders op site van Studio Brussel wordt het fenomeen ‘twerking’ gekaderd in de subcultuur, de boodschap is enkel ‘schudden met die kont’.

Systematiek.

Laat het duidelijk zijn: (vrouwelijk) naakt of schoon gebruiken in reclamecampagnes edm is op zich geen probleem. Dansen als vorm van expressie en/of verleiding, is dat nog minder. Maar wanneer naakt en/of bloot systematisch gebruikt wordt om vrouwen tot enkel hun seksuele attributen te herleiden en zo bij te dragen aan een seksistisch discours, dan is dat wel een probleem. En dat is precies wat Studio Brussel doet: onder het mom van cool, ludiek en humor, worden vrouwen keer op keer te kijk gezet. Bovendien krijgt de jonge doelgroep op zijn minst de indruk dat het ok is om vrouwen belachelijk te maken omwille van hoe ze er uitzien of hoe ze dansen.

Actie.

Het is alleszins niet de taak van de openbare omroep om seksisme, subtiel of niet, te promoten of te verspreiden. Ik heb dan ook volgende mail gestuurd naar de VRT via  klachtenprocedure@vrt.be en naar Minister Lieten die media onder haar bevoegdheid heeft op: kabinet.lieten@vlaanderen.be

Voel u gerust vrij om deze brief te kopiëren en zelf ook door te sturen.

 

Beste,

Langs deze weg wil ik mijn ongenoegen uiten over een aantal campagnes van Studio Brussel. Er is ten eerste het filmpje ‘Sfeerbericht’ gebracht door Sabine Hagedoren. Daarin wordt het beeld gebruikt van de decolleté van een jonge vrouw, dik in de verf gezet door de ‘isobaren’, waarbij de Sabine Hagedoren het heeft over een ‘hogedrukgebied’. Dit specifieke beeld komt ook nog eens voor op de Facebookpagina en Twitteraccount van Studio Brussel, waar ze uiteraard voorzien kunnen worden van het nodige commentaar.

Ten tweede is er de wedstrijd ‘Wie wordt de Bubble Butt van Studio Brussel’, dat als campagnebeeld ook nog eens prominent 3 blote vrouwenkonten gebruikt. Deelnemers aan de wedstrijd kunnen hun eigen filmpje insturen. De geselecteerde filmpjes komen ook terecht op de Facebookpagina van de zender, waar anderen ze zonder moderatie kunnen beoordelen zodat de deelnemers het slachtoffer worden van grove commentaren.

Ik verwijs naar de website van de VRT waarbij voor Studio Brussel wordt gesteld: “De zender is een smaakmaker en trendsetter en kiest voor durf en avontuur. Hij engageert zich ook op maatschappelijk vlak”.

Het is volgens mij niet de bedoeling dat een openbare zender met een jongerenpubliek als doelgroep seksisme promoot, verspreidt en goedkeurt. Het valt niet te ontkennen dat beide voorbeelden aangehaald net schoolvoorbeelden zijn van platvloers seksisme en de objectificatie van vrouwen.

Ik vraag u dan met aandrang het volgende:

  1. De stopzetting van het vertonen van het ‘Sfeerbericht’ door Sabine Hagedoren onder de huidige vorm.
  2. Het verwijderen van het shot van de borsten op de Facebookpagina en Twitteraccount van Studio Brussel.
  3. Het aanpassen van het campagnebeeld voor de Studio Brussel wedstrijd ‘Wie wordt de Bubble Butt van Studio Brussel’ naar een niet-seksistisch beeld.
  4. Een degelijke omkadering van de wedstrijd, waarbij de subcultuur ‘Ratchet Culture’ voldoende wordt geduid.
  5. Het aanstellen van een moderator op de Facebookpagina van Studio Brussel die o.m. seksistische commentaren verwijdert.

Het lijkt mij bovendien aangewezen om in dit specifieke geval ook een plan van aanpak op te zetten om door middel van opleiding en sensibilisering duidelijk te maken aan zowel de medewerkers als de luisteraars van Studio Brussel dat seksisme niet grappig is en niet te tolereren valt.

Met vriendelijke groeten,

xxx

Read Full Post »

Anger is an energy.

Laat ik maar beginnen met het ruiterlijk toe te geven dat ik bij wijlen fluks en spoorslags als een amazone mijn spreekwoordelijke paard bestijg. Manen en haren wapperend in de wind, een flinke galop als lievelingstempo. Temperament, naar het schijnt overgeërfd van voorouders die volgens het ene verhaal Vikings waren en volgens het andere heethoofdige Spanjaarden. Het ergste dat je mij kan zeggen als ik mij nog eens aan het opwinden ben over dit of dat is een gemeenplaats als ‘trek je dat toch niet aan’. Of ‘neem dat niet persoonlijk’. Oh ja?, denk ik dan. Wie ben jij eigenlijk om voor mij te bepalen waarover ik mij wel of niet zal druk maken? Nijdig als een spin word ik dan.

Daarnet zat Joost Vandecasteele zich bij Fried’l Lesage kwaad te maken, iets over politiek. Dat was opmerkelijk genoeg voor haar om er iets over te zeggen in de zin van ‘het is een heerlijkheid om je je te zien kwaad maken’. Het antwoord van Vandecasteele kwam neer op ‘men zou zich eerder vragen moeten stellen bij mensen die zich heden ten dage NIET kwaad maken’. Applausje graag voor Joost.

Vandaag is humor de norm, en ludieke acties. Alles wat niet te diep gaat, niet te moeilijk is, geen inspanning vereist, ons behoedt voor werkelijk engagement en bijgevolg voor ontgoocheling en teleurstelling.  Wel, ik heb het geprobeerd en ik kan het niet. (Ok, ik heb het niet echt geprobeerd). Dus weet je wat? Ik zal mij blijven kwaad maken, want het mag van Joost.

Waar ik mij deze week niet over mocht kwaad maken was de column van Lorin Parys. En dat terwijl COO van Uplace er eigenhandig en week na week in slaagt om het weinige niveau dat De Standaard soms nog haalt sneller te laten wegsmelten dan de ijsschotsen aan de Zuidpool. Nu ja, het moet gezegd: vorige vrijdag kreeg Lorin hulp. Na het debacle met de Auwch-award is de redactie onder leiding van Bart Sturtewagen vast besloten om ook volgend jaar opnieuw de felbegeerde cactus in de wacht te slepen. ‘Wie Heremans niet grappig vindt is zielig’, tweette Sturtewagen onlangs. Een stortvloed (wat zeg ik? een tsunami!) aan Beavis- en Buttheadachtige grapjes staat ons te wachten het komende jaar en Lorin beet vol goesting de spits af.

‘Vrouwen hebben geen smaak’ is de titel van laatste stukje. Onder deze hyperbool maakt Lorin – behoeder van de goede smaak – Parys zich vrolijk over het feit dat de 50 tinten trilogie op nummer 1 staat in de top tien van De Standaardboekhandel. En op andere plaatsen staan nog andere seksboeken voor vrouwen. Hihi. We weten allemaal dat als mannen zouden lezen, zo’n top tien enkel gevuld zou zijn met serieuze klassiekers en diepzinnige non-fictie over economie en filosofie.

En ja, ik weet het wel: over smaak valt niet te twisten, maar je maakt mij toch niet wijs dat lezers & lezeressen van een krant als De Standaard (niet toevallig De Standaard) geen wenkbrauwen fronsen bij het lezen van dit soort gratuite, dwaze en nietszeggende onzin. En zoals gezegd: ik geef toe dat ik snel op mijn paard zit, maar ik geloof nooit dat ik de enige ben die moe en soms moedeloos wordt van dit goedkope schofferen.

Zoals mijn moeder mij tijdens mijn rebelse puberjaren ooit treurig zuchtend toevertrouwde: plus est en vous, beste redactie. Plus est en vous.

Read Full Post »

Ik heb het ooit al eens uitvoerig uit de doeken gedaan hier, maar ik ben een nogal fervente radioluisteraar. Tijdens de autorit naar het werk meestal StuBru par faute de mieux. Ik heb dan echt nog geen zin om te horen hoe politici en zelfverklaarde opiniemakers op Radio1 eventjes de wereld zullen redden. De jongerenzender dan maar omdat er meer muziek gedraaid wordt, alhoewel die afgewisseld wordt met slechtere en nog slechtere interviewtjes afgenomen door Thomas De Soete. Serieus gast. Is dat nu eigenlijk zo moeilijk om iemand een paar intelligente vragen voor de voeten te werpen, en die min of meer vlot te formuleren? Laat anders de vragen door de redactie opstellen en oefen anders een paar keer.

Vanaf 11 uur, na het vreselijke gezaag van Peeters & Pichal (goddank is dat onding bezig aan de zwanenzang) schakel ik over naar Radio1 (Joos). Tussen 17h en 19h Babel op Klara. Als ik ’s avonds nog naar de radio luister omdat ik nog laat met de auto onderweg ben, zap ik fanatiek tussen de meest obscure stations op zoek naar liedjes die bij mijn stemming passen.

Met al mijn gezaag zou een mens nog beginnen denken dat ik iets heb tegen het Belgische radiolandschap, maar dat is niet zo. Verre van zelfs. Onze nationale zenders brengen een meer dan geslaagde mix van informatie, ontspanning, muziek voor de massa én voor de liefhebbers van allerlei nichegenres. In het buitenland durft het wel eens anders te zijn. In de meeste landen worden de verschillende frequenties bezet door themazenders die zich beperken tot één enkel genre tot je er hoorndol van wordt. In Nieuw-Zeeland was het niet anders. In het begin is het wel tof dat je op het Rock station nog eens onverwacht ‘Eye of the Tiger’ hoort, maar na de derde keer begint het te vervelen. Rond Kerstmis mochten de luisteraars inbellen om te vertellen wat ze zouden eten op Kerstdag of Boxing Day. Een man telefoneerde omdat hij een geweldig surf’n’turf idee had: hij zou een kalkoen vullen met een kip en zo verder beesten in elkaar steken en op de barbecue gooien om zo tot een heerlijk feestmaal te komen. Iedereen was het er over eens dat het een gedurfd maar een geweldig idee was.

Soms vond de radio een station met Maorimuziek. Dat is alsof je André Hazes hoort, maar dan zonder dat je hem verstaat. Tussen de liedjes in werden aankondigingen gedaan van tieners die ergens een feestje gaven voor hun 18de verjaardag.

En toch, op een bepaald moment hoorde ik dit nummer op de radio:

Op het eerste gehoor dacht ik aan een nummer gezongen door een vergeten zwarte diva, maar het bleek om de Amy Winehouse van Nieuw-Zeeland te gaan. Dezelfde badass attitude, een in your face persoonlijkheid. Maar Gin zal nog een paar boterhammetjes moeten eten om haar wijlen voorbeeld te kunnen evenaren: hoewel de muziek catchy is, blijft het toch vooral mainstream pop. En behalve wat stoerdoenerij blijft het tekstgewijs vooral oppervlakkig en weinig persoonlijk.

Maar toch, een charmant nummertje waardoor je het volume van je autoradio wat harder zet.

 

Read Full Post »

Zondagmorgen.

Zondagmorgen, iets over negen. Ik ontwaak langzaam. Zonet hoorde ik de klok slaan van de Sint-Pieterskerk, half slapend heb ik één voor één de droge slagen mee geteld. Op het moment dat ik meer wakker ben dan dat ik slaap, sta ik op. Zoals gewoonlijk ben ik de eerste beneden. Ik hou van de rust van een huis waar je anderen weet slapen. Koffie zetten, laptop uit sluimerstand halen, radio 1 aan. Ergens vandaag zal ik de restanten van de last minute geïmproviseerde barbeque van gisterenavond moeten opruimen. Het idee staat me zelfs niet tegen, ik haal tegenwoordig rust en voldoening uit dit soort karweitjes. Je kunt ongeveer onmiddellijk tevreden zijn over het resultaat, en ondertussen nadenken. Eén van mijn favoriete hobby’s trouwens, dat nadenken.

Op de radio hoor ik Friedl Lesage. Jammer dat ze enkel nog op zondagmorgen te horen is, één enkel schamel uurtje. Iets met boeken heet het, geloof ik. Zoals ik van haar gewoon ben, stelt ze haar gast rustig en beheerst goeie vragen. Nog beter: ze gunt haar gasten de tijd om antwoorden te zoeken en te verwoorden. Een zeldzaamheid tegenwoordig, de flitscultuur weet u wel, die ervan uitgaat dat ‘de’ luisteraar of ‘de’ kijker niet in staat is om antwoorden die langer dan 7 seconden duren te begrijpen of te verdragen. Tot enkele jaren geleden mocht Lesage elke weekdag een uur lang een gast interviewen, op Radio1, tussen 9 en 10 uur ’s morgens. Op andere zenders was op dat uur vooral schreeuwerige foute  muziek te horen. Op een dag waren de interessante gasten op, en had Friedl een ongeluk of iets in die zin. Het fijne weet ik er niet van, maar iemand, ergens vond het logisch om het programma van Friedl te vervangen door ‘Peeters & Pichal’. Vlamingen die zich om de één of andere reden bekocht, belazerd en bedonderd voelen, kunnen hun klachten en hun grieven doorsturen, en Annemie Peeters en Sven Pichal zoeken dan naar een antwoord. Ik las ooit ergens dat ze hadden verwacht dat hun programma hooguit een jaar of twee zou kunnen meegaan. Maar nu blijkt dat voor nogal wat Vlamingen het een fulltime bezigheid is om zich bekocht te voelen, is er na x aantal jaren nog altijd stof genoeg om elke dag twee uur radio te vullen met consumentengezeur.

Het contrast tussen Lesage en Peeters is groot. Lesage heeft een vrij lage en erg aangename radiostem. Ze spreekt rustig, mooi gearticuleerd en met kennis van zaken. Peeters voert telefoongesprekjes met Jan & alleman en begint altijd met een nasale ‘Goeiemorgeeuh’, waarbij de laatste lettergreep steevast beklemtoond moet worden en nog hoger wordt uitgesproken. Ze drumt haar praatgasten in de hoek, probeert hen woorden in de mond te leggen. Het is natuurlijk ook het format. Onderwerpjes moeten afgehaspeld worden, een vox populi’tje ertussen gooien, beloftes van beterschap moeten afgedwongen worden.

Ik weet eerst niet wie de gast is bij Friedl, maar dat maakt niet uit. Dan merk ik dat het Roel Verniers is, die vorige week overleed aan kanker. Ik heb de man nooit gekend, maar ontdekte een tijdje terug zijn columns voor De Morgen, waarin hij onder andere schreef over zijn ziekte. Gevoelig, maar zonder dramatiek, theatraliteit en zelfmedelijden. Eerst nog vol hoop en goede moed, een paar weken geleden met het nieuws dat de slokdarmkanker zijn weg had gevonden naar zijn hersenen en de rest van zijn lichaam. Friedl voert, zoals ik dat van haar gewoon ben, een sereen gesprek zonder hete hangijzers uit de weg te gaan. Ze bouwt rustig op, begint met vragen stellen over zijn favoriete boeken en wordt geleidelijk aan en bijna zonder dat je het merkt persoonlijker. Dan stelt ze de vraag ‘hoe gaan je kinderen er mee om?’. Als Goedele het zou doen, je zou haar standrechtelijk willen executeren, maar Lesage is niet op zoek naar sensatie. Op de één of andere manier weet ze hoe ver ze kan gaan, en dat zij dit mag, kan en zelfs moet vragen. Een lange stilte volgt. Je hoort niets, geen gekuch of het geschraap van een keel. En dan, dan begint Verniers met ongelooflijk veel liefde over zijn dochter en zijn zoon te vertellen. Zijn dochter heeft hem al eens gered, vertelt hij, door de buurman te verwittigen toen hij door de tumoren in zijn hoofd een epilepsieaanval kreeg. Daarvoor plunderde ze de snoepkast. Mijn zoon, zegt hij, heeft magische krachten. Jongetjes van 5 of van 6, hebben die nu eenmaal, dat is algemeen geweten.

De authenticiteit en de diepgang snijden door merg en been. En zelfs nu, tijdens het opschrijven, ben ik tot tranen toe ontroerd …

Read Full Post »

Older Posts »