Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for maart, 2015

Brief terug

Dag T.,

Gisteren zat je brief in de bus. 4 handgeschreven kantjes lang voor je afsluit met de gedachte aan een glas wijn en een aflevering van Dexter. En dit doe je in 2015 elke dag blijkbaar. Chapeau, ik zie het mezelf niet doen. Dat soort consistentie en discipline is me volkomen vreemd. Ik bewonder het wel in anderen, dus ook in jou.

Ik hoop dat je het me niet kwalijk neemt dat ik je langs deze weg antwoord, maar geloof me vrij: anders komt het er gewoon niet van. Er is een te grote hoeveelheid praktische zaken die ik zou moeten overwinnen, zoals geschikt briefpapier vinden en een balpen die het doet. Dan het schrijven zelf. Ik ben zo iemand die vindt dat de dingen vanzelf moeten gaan, het lijkt wel alsof ik aan plannen een broertje dood heb. (Dat van dat broertje zou nog waar kunnen zijn, aangezien ik enkel twee zussen heb. Haha, flauw mopje). Uiteindelijk, als er ooit eens een magisch moment zou geweest zijn waarop papier, pen en even niets anders te doen zouden geresulteerd hebben in een brief, dan is er nog altijd de zoektocht naar een enveloppe en een postzegel. En een brievenbus.

Weet je dat ik zelfs gepostzegelde ansichtkaarten heb liggen van op reis die ik nooit heb gepost? Zo erg is het met mij dus gesteld.

Je schrijft dat je Harelbeke, de stad waar ik sinds kort werk, maar een grauw oord vindt. Ik zou het niet weten eigenlijk. Voorlopig heb ik het hier enorm naar mijn zin. Ik heb de grondige ommekeer in mijn leven bijzonder goed verteerd eigenlijk. Het merkelijk vroegere opstaan bijvoorbeeld, zorgt op dit moment helemaal niet voor problemen en het pendelen bevalt me bijzonder goed. Het helpt natuurlijk dat de trein richting Kortrijk nooit overvol zit. Aan het station te K. spring ik gezwind op de Blue Bike en een dikke tien minuten later sta ik op het werk. ’s Avonds heb ik in de dubbeldekker trein quasi een hele wagon voor mezelf. Onderweg lees ik wat, of ik beluister een podcast. Nu ben ik bezig in A Visit from the Goon Squad van Jennifer Egan. Als je dat nog niet hebt gelezen, dan zou ik je het wel durven aanraden. Er gaat een zekere melancholie van uit, en sommige passages doen me denken aan de hand van Brett Easton Ellis.

Jij woont dus in Menen, daar beland in de nasleep van een danig gebroken hart. Ja, daar heb ik ook wel een beetje ervaring mee. En nee, ik ga niet zeggen dat het over gaat, dat weet je ondertussen ook wel. Maar als je hart echt grondig aan stukken wordt geslagen, dan verandert het je wel. Je onbezonnenheid verdwijnt. Het vermogen om je helemaal aan iets of iemand over te geven wordt aangetast. Er sluipt een zeker cynisme in je omgang met geliefden. De onschuld wordt uit je kleren gewassen.

Nu gebiedt de eerlijkheid mij wel te zeggen dat ik ook wel hier en daar een hart gebroken heb, en dat spijt me zeer. Maar ik heb het nooit gedaan op de berekende, sluwe, doordachte manier waarop anderen dat van mij ooit vertrappeld hebben. Het leek wel alsof het met voorbedachten rade werd gedaan, en daar ben ik nog altijd niet goed van.

Aan de foto’s op je Facebookprofiel te zien amuseer je je wel in Menen eigenlijk. Je bent zelfs bij de majorettes, iets wat ik zelf ook graag had gedaan toen ik klein was. Toen ik dat idee opperde zei mijn vader dat hij mij niet in mijn bloot gat over straat wilde laten paraderen. En daarmee was de kous af.

Soit, ik ga eens aan mijn werkdag beginnen. Bedankt nog eens voor je brief, en ik wens je voor de volgende 297 exemplaren nog veel inspiratie toe!

Hartelijke groeten van Wendy.

Advertenties

Read Full Post »

Lang geleden

Het is lang geleden dat je nog iets hebt geblogd, zegt hij. Dat ik het weet, antwoord ik. Waarover zou het moeten gaan, denk ik bij mezelf. Het leven schuift voorbij, zoals de rivier onder de maan uit het gedicht. De tijd stokt soms en schakelt daarna opnieuw enkele versnellingen hoger. Volgende week verjaar ik alweer, de lente begint en er is een korte vakantie in het vooruitzicht. Daarna een feest, en wellicht opnieuw vakantie. De dagen lengen en krimpen daarna weer in. Zo gaat dat nu eenmaal.

Ik heb een dochter, haar blonde haren watervallen op haar schouders. Voor haar is de tijd nog een oceaan die tot de einder reikt en nog veel verder. De koers is nog niet gezet, denkt ze. Dat is ze natuurlijk wel, alleen beseft zij dat nog niet. Zij draagt mij in haar, als een onzichtbaar atavisme. Ik zeg het haar maar niet, al was het maar omdat ze het niet zou kunnen geloven. Dat is ook haar redding natuurlijk, ze voelt nog niet hoe ze in een cocon van spinrag leeft, geweven door haar voorvaderen, haar afkomst, haar kleur, haar vrienden en haar vijanden. Ze wil niet dat ik iets over haar schrijf of zeg.

Op het werk is alles opnieuw nieuw, zelfs en zeker ik. Niet langer het kneusje, de meid voor alle werk. Mijn nieuwe baas is een voluptueuze Antwerpenaar in elke zin van het woord. Hij lacht smakelijk met zijn eigen grapjes en ik van de weeromstuit doe ik mee. In de refter zit een zwaarlijvige man met een pokdalig gezicht stuurs zijn boterhammen op te eten, zijn blik gericht op zijn brooddoos. Hij schrikt een beetje op als ik smakelijk zeg. Het is verbazingwekkend, hoe goed mijn lichaam en ik reageren op nieuwe dingen en de afwezigheid van stress en verveling. Ik voel me wakker, uitgeslapen, energiek. Ook dit zal terug overgaan, dat weet ik.

Ik heb een boek uit. Herzog van Saul Bellow was intens, geen roman waar je je laat meevoeren op de deining van het verhaal. De manische protagonist reist, vertelt, filosofeert, dagdroomt, weidt uit over onbenulligheden en details of obscure filosofische stromingen. Over leven, dood, liefde, kinderen, ouders, vrouwen, seks en maatschappij. Voor een boek dat geschreven is in 1964 klinken bepaalde passages over consumentisme of politieke spelletjes verbazend actueel. Ik wou dat ik zo clever was dat ik dingen kon schrijven die tijdloos waren.

We zouden nog eens naar de cinema moeten gaan, mijn lief verloofde en ik, maar het komt er nooit van. Enkele weken terug gingen we toch nog eens naar een voorstelling in het KASK. 5 €, een klein zaaltje en een gezelschap van studenten en oudere cinefielen voor ‘Who’s Afraid of Virginia Woolf’. Liz Taylor is magistraal en ook behoorlijk tijdloos eigenlijk.

Hoe langer ik leef, hoe banaler ik word. Het is niet eens erg, het gebeurt gewoon. Ik pendel, probeer op mijn gewicht te letten en de punten van mijn dochter in de gaten te houden. Vraag me af wat we zullen eten vanavond.

Alles verandert en toch blijft alles gelijk.

Read Full Post »