Feeds:
Berichten
Reacties

Archive for oktober, 2010

Kaarsje.

Wordt het hier nog iets, tussen u en mij? Begrijpt u mij een beetje en weet u ondertussen wie ik allemaal ben? Of liggen de puzzelstukjes te verspreid en is het voor u onmogelijk het hele plaatje te zien? Ik vind mijzelf te puberaal soms, te veel bezig met mijzelf hier. Te veel drama en krokodillentranen, te afwijkend, veel te anders. Werkt u dat niet op de zenuwen, altijd dat gekokketeer? En maar klagen, en maar zagen, in alle mogelijke talen. Ikke, ikke, ikke … De allerindividueelste expressie van de allerindividueelste emotie, dat is eigenlijk al lang uit de mode.

Een jaar lang gaat het al zo. Dat ik u deelgenoot probeer te maken van wat zich in mij afspeelt, en u lijkt daar niet bijzonder door verontrust. Al een jaar lang kabbel ik hier voort en gisteren vroeg ik mij in de bedstee af: hoe lang houdt een mens dat vol? Laat ik u binnen afzienbare tijd weten dat mijn dochter een vriendje heeft dat haar op komt halen, dat ik ongerust ben als ze te lang wegblijft van deze of gene fuif. Kondig ik u binnen tien of twaalf jaar de komst aan van een kleinkind? Enfin, u snapt wel wat ik zeggen wil, u doet dat nu tenslotte al een jaar (of helemaal niet, natuurlijk). Wat is de relevantie ervan, en bij uitbreiding: wat is de relevantie van mijn leven? Geen paniek: voor mijzelf is er relevantie aan mijn leven genoeg, ik ben hier graag. Maar wat maakt het u eigenlijk uit? Pas op, ik bedoel dat allemaal niet slecht hé. Voel u vooral niet aangevallen omdat u hier af en toe vertoeft, ik heb u graag.

Ik stelde mij gisteren gewoon de vraag hoe lang dit nog kan duren, dit fragmentaire kroniekje. Maar voorlopig doe ik gewoon stilletjes voor.

Read Full Post »

Dilemma.

Vorige vrijdag werd ik gebeld door een vriendelijke mijnheer. Dat hij mijn C.V. ergens online had zien staan, en of nog altijd op zoek was naar een job, enzovoort enzoverder. Een half uur verder nodigde de vriendelijke mijnheer mij uit om eens bij hem op kantoor verder te praten, vandaag.
Zogezegd, zo gedikkiedaan, en zo kwam het dat ik rond een uur of 11 in mijn autootje sprong (figuurlijk dan) om het gesprek met de vriendelijke mijnheer verder te zetten. Ik kreeg een tas koffie (goeie koffie, ten andere!) en vriendelijke mijnheer begon vragen te stellen over mijn ervaring, over wat ik vroeger zoal heb gedaan en waarom. Anderhalf uur later waren we voorlopig uitgepraat. En ik voel het aan mijn water: tegen volgende week zal die vriendelijke mijnheer mij een concreet voorstel doen om voor hem te komen werken.

En ik weet niet wat gedaan. Want ik werk al twee dagen per week ergens, en ik werk daar graag. Het werk is tof en de collega’s vallen mee. Het is dicht bij huis, en ze zijn tevreden over mij. Heel tevreden zelfs, als ik hen mag geloven. Het enige probleem is dat het daar niet echt goed gaat, dat er te weinig projecten verkocht worden. En ik moet mij geen illusies maken: op het moment dat het nog slechter zal gaan, dan zullen ze mij ook vriendelijk bedanken voor bewezen diensten.

De job van de vriendelijke mijnheer is qua inhoud ook niet mis. Ik zou daar ook graag werken, in zo’n jong bedrijfje dat zich specialiseert in online marketing. Ze werken voor grote klanten, ik zou daar veel kunnen leren en naar alle waarschijnlijkheid redelijk goed mijn brood verdienen. Maar het is in ZAVENTEM!!! En dat betekent dat ik van uit Gent elke dag 3 uur moet reizen om van en naar mijn werk te kunnen gaan. Of ik nu met de auto ga of met de trein, qua reistijd maakt dat niet zo erg veel verschil.

Langs de andere kant: het gezapige tempo van mijn beroepsleven op dit moment is op langere termijn ook niet houdbaar. Zeker niet nu ik terug huur moet betalen. En volgend jaar wil ik een reis maken naar Nieuw-Zeeland om mijn zus te bezoeken. En ik moet ook eens beginnen denken aan mijn pensioen en een hospitalisatieverzekering en zo. (Ik weet hoe seutig dit allemaal klinkt, maar het is nog veel seutiger om binnen 30 jaar te moeten rondkomen met een lullig bedrag als 600 €).

Een eerste sluw plan neemt in mij al vorm aan: als ik nu eens een goed loon onderhandel voor een 4/5 job – één dag per week thuis werken – een treinabonnement 1ste klasse. Dan kan ik die andere dag in de week misschien nog aan de slag blijven in die IT-boîte ook …

Read Full Post »

Gisterenavond mocht ik van Radio 1 naar het filmfestival om naar Submarino te gaan kijken van Thomas Vinterberg. Fried’l Lesage leidde in, en liet weten dat Vinterberg pas 29 was toen hij ‘Festen’ afleverde. Daarna is hij blijkbaar even op de dool geweest en moet ‘Submarino’ zijn come back zijn.

Ik weet niet hoe levend de hele Dogma 95 beweging nog is en of Submarino volgens die strikte regels van de kunst is gemaakt, maar het is erg lang geleden dat een film mij nog zo naar de keel heeft gegrepen. De titel verwijst naar een marteltechniek: men houdt het slachtoffer net zo lang onder water tot hij bijna verdrinkt.

Submarino vertelt het verhaal van twee broers die opgroeien in wat we voor het gemak maar zullen omschrijven als ‘moeilijke omstandigheden’. Er wordt redelijk wat tijd genomen om hun jeugdjaren te schetsen, daarna is het flash forward naar het leven zoals het nu verloopt voor het broederpaar. Direct leren we dat de diepe wonden die zijn geslagen in het vorige deel van de film verre van verwerkt zijn. De toon van de film is sereen, maar niet onderkoeld. Koele, witte, grijze en blauwe tinten overheersen. Het tijdsverloop van de film (het gebruik van flash backs en flash forwards, zeg maar) zit knap in elkaar.

Maar ondanks deze esthetiek blijft Submarino natuurlijk een bikkelhard, door merg en been snijdend portret van diep gekwetste mensen. We zien hoe verslavingen achteloos worden overgedragen van de ene generatie op de andere, hoe seks een ruilmiddel is met evenveel waarde als harde Deense kronen, hoe niets in het leven van dergelijke mensen ooit eens vanzelf lijkt te gaan. Slechts één personage dat zijdelings aan bod komt is er in geslaagd om de zelfkant van de maatschappij achter zich te laten, en dan nog enkel door radicaal te breken met alle anderen.

Mensen vallen ten prooi aan perversies of een fundamenteel wantrouwen ten aanzien van de ander. Ze begrijpen dat ze nooit begrepen zullen worden, dat ze onderaan alle ladders staan en dat ze die nooit zullen kunnen opklimmen. Wie probeert gaat onverbiddelijk in de fout en wordt genadeloos afgestraft door het systeem. De uitzichtloosheid regeert met ijzeren hand.

Het aangrijpende van de film zit hem net in de subtiliteit ervan: nooit laat Vinterberg zich betrappen op ongeloofwaardigheid en de logica van de feiten is er gewoon. De wetenschap dat er in uw en mijn stad ‘echte’ mensen dergelijke levens leiden is eigenlijk bijna ondraaglijk.

De nieuwe van Vinterberg staat dus als een huis, maar is niet echt voer voor een ontspannende bioscoopavond.

Read Full Post »

En niet met een gordijnenkoord, maar door haar parachute te saboteren. Een man verloor zijn vrouw, twee kinderen hun moeder, een aantal anderen een vriendin. Zo gaat dat, als iemand in de fleur van zijn of haar leven de dood wordt ingejaagd.

Voor die moord is Els Clottemans beschuldigd en werd ze uiteindelijk door een assisenjury veroordeeld. 30 jaar, eerste kans op vervroegde vrijlating in 2019. Dat is natuurlijk op voorwaarde dat de uitspraak in cassatie zal gehandhaafd worden. En aan elke toog, op elke trein, tram & bus, in de kantines en de refters, op blogs en op statussen wordt in alle toonaarden ‘schande’ geschreeuwd over deze veroordeling. Want de veroordeelde zou veroordeeld zijn zonder enige bewijslast, en tegelijkertijd gruwelt men zoals men dat doet tijdens het bekijken van een thriller of een horrorfilm en zegt men ‘het zou mij ook kunnen overkomen’. En men voelt opwinding opstijgen vanuit de onderbuik, en men dagdroomt over hoe het zou zijn om de hoofdrol te spelen in een dergelijk schouwspel. Heel even verdwijnt de saaiheid en de sleur van het eigen leven naar de achtergrond en lonkt er avontuur en heldendom. Maar dan komen de chips en de TV-worstjes en gaat men over tot de veilige orde van de dag. Men nestelt zich onder een dekentje en kijkt naar C.S.I. of Witse, en we kunnen het vervolg van ‘you have the right to remain silent’ opdreunen.

Bewijs wordt gereduceerd tot DNA-sporen of vingerafdrukken en liefst een bekentenis. En – zo weten we ondertussen – dat was er niet in het geval van Els Clottemans. Ergo, haalt de verdediging aan, is de onschuld van deze verdachte een vaststaand feit. Of toch niet helemaal?

Er is een tijd, nog eens niet zo erg lang geleden, dat DNA niet geanalyseerd kon worden, dat men geen bloed kon analyseren of vingerafdrukken nemen. Ook toen al werd er recht gesproken en werden mensen veroordeeld. Het is dus onzin om te zeggen dat enkel DNA, bloed of getuigen als bewijs kunnen aangevoerd worden.

Er is het concept van de ‘ernstige vermoedens’ of ‘ernstige aanwijzingen’ zoals dat beschreven staat in het Strafwetboek. En als we alles op een rijtje zetten, dan kunnen we rustig stellen dat die er waren.  Zo werd ze verschillende malen betrapt op leugens in haar verschillende verklaringen, weigert ze een test te ondergaan met een leugendetector en is er het verhaal over de pilot-chute. Ze ging in het verleden, bij het versturen van anonieme brieven en het plegen van anonieme telefoontjes erg ver om niet betrapt te worden. Ze maakte zich dus een methodiek eigen, die er op gericht was om de sporen van haar daden uit te wissen.

En pas daarna komt de hele persoonlijkheidsanalyse. Ze scoort erg hoog op de psychopatietest, psychiaters die haar onderzoeken hebben het over een narcistische en theatrale persoonlijkheid met een laag empathisch vermogen. Ze probeert haar ondervragers te manipuleren.

Een twaalfkoppige jury hoort vier weken lang verdediging, openbare aanklager en burgerlijke partijen en komt tot de conclusie dat Clottemans schuldig is. Maar de vox populi weet het beter. Terwijl het best eens zou kunnen dat 1 + 1 ook deze keer gewoon 2 is.

Read Full Post »

Goh …

Goh ja … Hier zit ik in een nieuw huis, met twee meter verder aan de nieuwe, oude tafel een nieuwe roommate. En alles waar ik bang voor was, is niet waar. Het schrijven is er duidelijk bij ingeschoten, bij de gebeurtenissen van de afgelopen twee maanden. Niet dat ik geen zin had, maar er was gebrek aan tijd en aan durft. Omdat er meelezers zijn die ook meespelers zijn. Daar hebben ze er ook last van.

Er zijn in het werkelijke leven altijd evenveel verhalen en waarheden als er protagonisten zijn. En soms kun je even zo samenvallen met de ander dat je ziet wat zijn verhaal en waarheid is. Zeldzame momenten van compleet begrip. En hoe mooi je daar ook over zou kunnen schrijven en plein publique, je doet het liever niet. Eén verkeerd gekozen woord, en een storm steekt op.

Daarbij, ik had jullie gewaarschuwd, heel in het begin. Dat ik grillig ben, en onberekenbaar. Ongedisciplineerd en lang niet altijd interessant genoeg.

Maar ik mis het wel, dat bloggen. Dat stiekem inloggen verschillende keren per dag om te zien hoeveel je bericht werd bekeken. Eventuele reacties, waar ik niet altijd even goed van weet, wat ik er op moet zeggen. Een publiekje hebben, dat zichzelf in een deel van jou herkent.

Maar het gaat voorzichtig goed, met mij. Ik lijk mijn weg te vinden, begin een zekere tevredenheid te ervaren met hoe de dingen lopen. Alsof ik meer mezelf kan zijn, zonder moeite. Het is raar om te zeggen, maar ik leer een beetje leven met mijn beperkingen en met mijzelf, en minder met wie ik vind dat ik zou moeten zijn. Alsof ik mezelf kan nemen zoals ik ben, iets wat andere mensen doorgaans redelijk belangrijk te vinden, dat anderen hen vooral dan nemen zoals ze zijn. (Ik weet het, de vorige zin is grammaticaal een beetje kreupel, maar jullie volgen nog hoop ik). Ik zal gewoon bij mezelf beginnen, besef ik nu. (En daar gaat mijn voornemen om het niet altijd meer over mezelf te hebben en ik, ik, ik te typen).

Soit, dit hele epistel om maar te zeggen dat ik een beetje terug ben. And glad to be ….

Read Full Post »