Feeds:
Berichten
Reacties

Archief voor de ‘Fantasie’ Categorie

Een hoop onzin.

Stel!

Stel dat ik op een dag het geluk zou hebben om op mijn sterfbed rustig de tijd zou hebben om mijn leven te overdenken. Ik zeg wel stel, want we kunnen dat allemaal wel willen, maar evengoed wissel ik tijdens het slapen vredig en ongemerkt het tijdelijke met het eeuwige. Of ik zou ook onverhoeds het slachtoffer kunnen worden van wurging, ophanging, verdrinking, elektrocutie of een gruwelijk ongeval met de auto. Ik zou kunnen overlijden aan een voedselvergiftiging, een lelijke val in de badkamer of de metro of gewoon van de trap. Ik zou kunnen vastzitten in een auto op de overweg. Andere kanshebbers, hoewel in mindere mate: de dood met de kogel of de guillotine. Een steekpartij in een louche discotheek. Langs de andere kant: ik zou ook traag ten onder kunnen gaan aan witte wolken in mijn hoofd die elk denkproces herleiden tot een dadaïsme zonder wiedeweerga.

Maar goed: gesteld dus dat ik het geluk zou hebben aan een slepende ziekte ten prooi te vallen (zo’n ziekte dus die op sloffen komt aanzetten en je langzaam aan je bed kluistert en je gezonde cellen één voor één opvreet, aantast en besmet) en dus in het lang en in het breed mijn leven kan overdenken. Zou ik dan spijt hebben van teveel stommiteiten of van te weinig?  Zou ik een helder zicht hebben op alle vergooide kansen, dwaze beslissingen en de onwil om de consequenties ervan onder ogen te zien? Hoeveel zou ik denken aan al die mensen waar ik kwaad van sprak en onterecht minachtte? Zou ik dan en dan pas de essentie kennen? Zou ik spartelen, tegenstribbelen en bidden voor nog een paar momentjes, alstublieft. Ik lijk mij wel het type dat zich op het sterfbed in allerijl nog zou bekeren, gewoon om zeker te te zijn.

Zou ik vergeving vragen aan wie mij komt bezoeken, zou ik veel te eerlijk biechten? Zou ik tijdens nachtelijke uren ijlend op morfine mijn kwaadste dagen herbeleven? Zou ik enkel terugkijken op de ene mislukking na de andere?  Zou ik mijzelf vervloeken en verwensen omdat ik mijn tijd hier vermorste, mij onledig hield met dwaasheden en mezelf maar wat wijsmaakte? Zou ik kunnen denken dat ik ergens, als was het maar op één enkel welbepaald moment, voor één enkel iemand iets deed dat van betekenis was, blijvend, permanent. Iets goed, in plaats van onbenullig, banaal, voorbijgaand.

Of zou ik enkel willen dat ik een beetje vriendelijker voor mijzelf was geweest?

 

Read Full Post »

IJskoningin.

Nee het doet me niets. Door mijn aderen vloeit blauw bloed en ijswater. Traag slaat mijn hart terwijl ik hoog op een troon gezeten het leven bekijk. Ik doe wat wijs is, ik doe wat juist is, ik doe wat moet om het verloop van de dingen te sturen. Ik luister naar het krijsen tot mijn oren bloeden. Ik zeg waar er troost te vinden is, ik leg uit wat vrede is.

‘s Avonds teruggetrokken. En voor de spiegel borstel ik de twijfel uit mijn haar. Soms 100 tellen lang. Soms meer. Later dwalend door de gangen. Ik slijp mijn handen aan de muren. Ik tel mijn schreden, één voor één. 1000 keer, soms meer.

Wie haalt de ijspriem boven? Wie het mes? De bijl? Het pistool en de kogel, het koord om te wurgen? Wie de hamer en de nagel, wie het kruis? Wie duwt mij de vergeetput in, wie metstelt mij in met steen en mortel? Wie vuurt vier paarden aan? Wie bouwt uit hout de brandstapel, wie ontsteekt het de toorts? Wie slijpt de guillotine? Jij zou het kunnen zijn.

Wie lang genoeg kijkt, zal merken dat ik struikel soms. Dat ik op de knieën ga. Dat er een dag komt dat ik zal blijven vallen. En dat ik mijzelf niet meer zal blijven oprapen.

Ach wat. We zijn nog lang niet daar. Ik schud de gedachte van me af, ik recht mijn rug.

Wij lezen samen sprookjes.

 

Read Full Post »

Tweede deel van het alternatieve ‘Gevonden’ deeltje uit het verhaal van Petra & Dirk. Opmerkingen altijd welkom …

Petra en Dirk stonden nog in de half duistere, muf ruikende gang toen hij haar dreigend toebeet: ‘Doe dat nooit meer. Nooit meer, heb je mij goed verstaan?’. Hij bracht zijn hoofd tot vlakbij het hare en haalde toen uit met zijn vuist naar de muur. Godverdomme, godverdomme, godverdomme, bleef hij ondertussen schreeuwen. Petra zat ineengedoken tegen de trapleuning, haar hoofd tussen de handen en weende.Een verdieping hoger ging een deur open en iemand riep: ‘Is dat daar nu bijna gedaan? Of moet ik de flikken bellen?’. Dirk kalmeerde op slag, greep Petra bij de arm en dwong haar op te staan, duwde haar naar buiten.

Zwijgend nu stappen ze naar de auto. Dirk opent voor haar de deur aan de passagierszijde en laat haar instappen. Wanneer hij ook zelf in de auto is gestapt, neemt hij zijn gsm en belt hij naar de moeder van Petra. ‘Marie-Jeanne? ‘t Is Dirk hier hé. Ik heb haar gevonden. Jaja, alles in orde, je moet niet ongerust zijn. We komen direct af’.

Petra wist niet goed wat er gebeurde, maar besefte tegelijkertijd dat het niet veel zin had om op dit moment om uitleg te vragen. Ze staarde gelaten wat voor zich uit, als een tiener die op het matje is geroepen en wachtte tot Dirk begon te praten. In elk geval had ze hem nog nooit zo kwaad en opgedraaid gezien als vandaag. Ok, ze was zonder het op voorhand te zeggen uit geweest, en ze had het zelf ook erg vervelend gevonden dat de batterij van haar telefoon het onderweg naar de fuif had begeven, maar zo erg was dat toch allemaal niet?

Het is pas als ze de stad al uit zijn, dat Dirk iets zegt. Ondertussen is de spanning tussen de twee bijna aan te raken, en Petra voelt zich plots leeg, moe en schuldig. Ze kan het niet helpen dat haar onderlip begint te trillen en de tranen ineens over haar kaken naar beneden lopen. Ze probeert het snikken te onderdrukken in de hoop dat Dirk er niets van zal merken. Dat doet hij natuurlijk wel, en hij kan een kleine glimlach niet onderdrukken. Haar stugge houding van daarnet was hem eigenlijk helemaal niet bevallen, het leek wel alsof ze niet eens besefte wat ze had aangericht. Dat ze nu toch emotioneel werd, zag hij als een kans om zijn morele overwicht te bevestigen. Hij zou streng zijn, maar ook een beetje rechtvaardig. En zij zou braaf zijn, en hem gelijk geven.

- Kijk, begon hij, ik was ongerust hé. En je moeder ook, iedereen! Niemand wist waar jij was, en je nam je GSM niet op. En toen ik deze morgen aan je kot stond, was je daar ook niet. Ik heb zelfs de flikken gebeld om te horen of jij geen ongeluk had gehad of zoiets. Dat zijn toch geen dingen!

Zijn toon was er één van oprechte verontwaardiging en dat was genoeg om Petra helemaal te laten instorten. Onbeheerst begint ze te snikken, ondertussen ‘sorry, sorry’ hikkend. Haar snot veegt ze weg met de rug van haar hand. Dirk bekijkt het tafereeltje een paar minuten, zucht dan diep en zegt: ‘Allez, het is al goed. We gaan naar je ouders om ze gerust te stellen, dan is dat ook in orde. Zorg gewoon dat dat niet meer gebeurt.’

Ook bij haar ouders krijgt Petra een ferme bolwassing. Onverantwoordelijk gedrag, en dat ze niet gedacht hadden dat ze hun dochter op kot lieten gaan om dan ‘s nachts laveloos over de straten te zwerven om dan bij de eerste, de beste te gaan slapen. Wist ze wel hoe ongerust ze waren geweest? En dat ze van geluk mocht spreken dat Dirk haar was gaan zoeken, die jongen riskeerde daar wel zijn job voor hé! Wie weet wat er nog allemaal was gebeurd, als hij haar niet was komen halen. Nee, zo kon het duidelijk niet meer verder. Van op kot blijven, daar kon geen sprake meer van zijn. Petra had nu wel bewezen dat ze niet in staat was om op een deftige manier voor zichzelf te zorgen, en tja, dan moest er iemand zijn verantwoordelijkheid nemen hé.

Nog diezelfde avond haalde Dirk de meeste van haar spullen op, zodat Petra zich terug kon installeren in het ouderlijke huis.

Read Full Post »

NVDR: Dit is een alternatieve versie van het eerdere ‘Gevonden!’ Op dit moment weet ik nog niet goed welke versie ik verkies, maar ik neig lichtjes naar deze. Maar u mag het gerust met mij oneens zijn …

Er was een gevoel van opluchting, omdat hij Petra niet bij Dylan had aangetroffen. Toen hij de vorige nacht geen antwoord kreeg op zijn telefoontjes en smsjes, die met het verstrijken van de tijd steeds veelvuldiger werden en ook steeds dwingender van toon, was zijn fantasie op hol geslagen. Hij zag Petra Dylan wild en hongerig kussen, alsof ze hem wilde opeten. Hij zag hoe Dylan Petra door d’r haar streelde en stevig tegen zich aandrukte. Beeld na beeld flitste in zijn hoofd voorbij: haar naakte borsten waaraan gelikt en waar zachtjes in werd gebeten. Hij hoorde Petra in zijn verbeelding hijgen en kreunen zoals ze bij hem nooit deed.
Aan het begin van de avond probeerde hij zichzelf nog wat rede aan te praten en duwde de beelden weg door doelloos te zappen en zich daardoor te laten afleiden. Hij had een biertje gedronken en toen dat niet hielp om hem te kalmeren was hij overgeschakeld op J&B met cola. De whisky had een vreemde uitwerking gehad: hij had zich overgegeven aan een masochistische zelfkwelling door actief te fantaseren over hoe Petra en Dylan een passionele nacht beleefden. Het wond hem op te zien hoe die twee zich door een scala aan obscure en erg expliciete standjes heen werkten en het leek alsof de geluiden die de imaginaire vrijpartij begeleidden via een koptelefoon in zijn gehoorbuis werden gespuwd. Hij hoorde hoe Dylan haar ‘slet’ noemde en haar beval zijn lul af te zuigen. En zij leek het heerlijk te vinden, ze gaf zich ongeremd over, ze bood zichzelf en haar kut en haar kont ongegeneerd aan Dylan en diens machtige pik.
In het holst van de nacht, nog maar half bij zinnen door de halve fles whisky die Dirk aangelengd met cola had gedronken, had hij zich nog andere dingen ingebeeld. Petra had zich voor zijn geestesoog ontpopt tot een ware seksbom met een ongenadig dominant karakter. Sluw en geraffineerd had ze in zijn fantasie de touwtjes van het seksspel met Dylan volledig in handen genomen en hem vervolgens gepijnigd en gestreeld, geslagen en gezalfd. Ondertussen had hij geprobeerd om zich af te rukken, maar door de dronkenschap (hij was niet gewoon te drinken) was dat niet gelukt. Uiteindelijk was Dirk op de zetel in slaap gevallen.

Enkele uren later was hij wakker geworden en hij herinnerde zich vaag wat zich de vorige avond in zijn zetel had afgespeeld. Prompt moest hij kokhalzen en hij haastte zich naar het toilet waar hij de resten het bacchanaal van gisteren uitbraakte. Daarna volgde groene, bittere gal die brandde in zijn slokdarm. Uiteindelijk kwam zijn maag tot bedaren, hij dronk enkele slokken water van de kraan en stapte onder de douche. Zijn kater spoelde hij op die manier weg, maar de woede kolkte in zijn buik en in zijn hart. Hij voelde zich vernederd, bedrogen en nam haar kwalijk dat zij ervoor had gezorgd dat hij zich had bedronken en zich had verloren in perverse seksuele fantasieën die hij niet als de zijne herkende.
Nog voor hij zich af had gedroogd had hij alweer een keer of twee gebeld naar de GSM van Petra. Weer niets, behalve het antwoordapparaat. Hij had gevloekt en was in de auto gestapt.

Nu hij wist dat ze die nacht niet bij Dylan was geweest werd hij op de één of andere manier nog kwader. Wat dacht die teef eigenlijk wel? Dat alles zomaar kon en mocht, enkel en alleen omdat juffrouw studente was die op kot zat in de grote stad? Moest ze hem daar niet eens van verwittigen, misschien, dat ze van plan was om uit te gaan en zo zat te worden dat ze niet meer op haar benen kon staan? Waren dat manieren? Rekening houden met hem, haar lief nota bene, dat was ouderwets zeker? Of was dat haar manier om hem haar dankbaarheid te bewijzen, omdat hij haar had geholpen de nacht toen Dylan haar had aangevallen? Pffff, als hij toen had geweten wat hij nu wist, hij zou wel twee keer nadenken voor hij nog zou tussenkomen.

In de auto merkte hij op dat hij tegen zichzelf aan het praten was. Godverdomme, vloekte hij, nu maakt die trut mij nog helemaal zot. Ondertussen zei de vrouwenstem van zijn GPS dat hij zijn bestemming bijna bereikt had. Hij parkeerde zijn auto en stapte haastig de straat op en af op zoek naar het huis van die Lieselotte. Naast de nachtwinkel, had brunette gezegd, een appartementsblok. Ongeduldig belde hij aan. Toen er niet direct antwoord kwam, drukte hij nogmaals op de bel tot een slaperige vrouwenstem ‘hallo’ zei.

- ‘t Is Dirk. Doe open, ik kom voor Petra.

De zoemer ging, hij ramde de deur open en liep de trap op. Bij de eerste, de beste deur die hij open vond ging hij naar binnen. In het midden van de kamer stond een klein, mollig meisje in peignoir. ‘Jij bent Lieselotte?’, blafte hij. ‘Ja’, antwoordde het meisje, duidelijk op haar ongemak. Dirk ademde een paar keer in en uit, probeerde op die manier zijn woede onder controle te krijgen. Wat zachter vroeg hij: ‘Waar is Petra?’. Het meisje wees naar een deur aan de rechterkant, waar hij met grote passen op af stapte en open rukte. Petra stond in de slaapkamer, half aangekleed. Hij keek naar haar, bleek en met een blik vol haat. Zij keek eerst terug en sloeg toen de ogen neer.
‘Is hier nog iemand?’, vroeg hij. Petra schudde haar hoofd. ‘Kleed je aan, we gaan naar huis’, zei hij en hij sloeg de deur dicht. Hij stond terug bij Lieselotte in de kamer die even haar mond opendeed om te protesteren, maar ze bleef stil toen ze Dirk eens goed bekeken had.
Een paar minuten later kwam Petra ook de kamer binnen. ‘Gaat het?’, vroeg Lieselotte zachtjes, terwijl ze in de richting van Dirk knikte. ‘Ja hoor’, antwoordde Petra. ‘Sorry hé …’. ‘t Is niets, zei Lieselotte. ‘Als er iets is, dan bel je me maar hé!’. Ze gaven elkaar nog een knuffel en het koppel vertrok.

Read Full Post »

Petra & Dirk: gevonden!

De rit door het centrum van de stad was niet van die aard dat Dirk enigszins rustiger werd. Uiteindelijk lag de straat waar hij moest zijn in vogelvlucht maar op een paar honderd meter van waar hij was, maar omleidingen, eenrichtingsverkeer en een vuilkar zorgden ervoor dat hij pas na een hele tijd en een lange omweg ter plaatse was. Ondertussen werd hij ook nog gebeld door de moeder van Petra, die ongerust vroeg of hij haar dochter al had weten te vinden. Nee, antwoordde hij kortaf, maar het zou niet lang meer duren. Hij beloofde haar op de hoogte te houden en beëindigde het gesprek.

Gefrustreerd parkeerde hij zijn auto en liep de straat op en af op zoek naar het kot van Lieselotte. Naast de nachtwinkel, had brunette gezegd, een appartementsblok. Hij belde aan, een vrouwenstem door de parlofoon:

- Ja?
- Euh, ‘t is Dirk.
- Dirk?
- Ja, ik kom voor Petra. Is ze daar?
- Ja hoor, kom binnen. ‘t Is op het derde.

Geen lift, hij haastte zich de trap op. De deur van de kleine studio stond al open. Een klein, mollig meisje begroette hem vriendelijk.

- Hallo, wil je koffie? Ik ben er juist aan het maken. Petra is aan het douchen, ze zal content zijn dat je hier bent.

De huiselijkheid van het tafereel bracht hem uit zijn evenwicht en hij stond daar even, zonder iets te zeggen. Zijn woede ebde weg. Het was duidelijk dat Lieselotte zich van geen kwaad bewust was en het leek hem niet gepast om hier ruzie te beginnen maken. Hij zette zich neer op de stoel die hem aangeboden werd en nam een tas koffie aan.

- JIJ bent ook niet veel van zeg hé, begon Lieselotte. ‘Precies zoals Petra vertelde. Volgens mij passen jullie goed bij elkaar. Heel de avond heeft ze het over jou gehad, gisteren.
- Ah ja?
- Jaja. Verschiet je daarvan, misschien? Zij ziet jou echt graag, hoor. Ze zegt dat ze zich nog nooit eerder bij iemand zo op haar gemak heeft gevoeld, eigenlijk. En dat jij zo volwassen bent voor je leeftijd en zo.

Dirk begon zich een beetje ongemakkelijk te voelen, en om zijn verlegenheid te verbergen nam hij maar een slok koffie. Lieselotte leek dat niet te merken, en babbelde maar door over de gebeurtenissen van gisterenavond. Dat het wel tof was geweest op de fuif gisterenavond, en ook Petra had zich geamuseerd blijkbaar.

- Ja, ik heb ervan gehoord, mompelde Dirk tussen zijn tanden.

- Enfin, ja, tegen een uur of vier ‘s morgens zijn we dan doorgegaan. Petra had geen zin om tot aan haar kot te stappen, want het was zo koud hé. En ik woon toch vlakbij, daarmee …

De deur van de badkamer ging open en daar stond Petra. Ze droeg de badjas van Lieselotte en had een handdoek om haar natte haar geslagen. Haar gezicht was nog vlekkerig door de douche, en helemaal uitgeslapen was ze ook al niet zag Dirk. Zijn ongerustheid, zijn woede, de spanning in zijn lichaam die hem de spieren deed verkrampen maakten plaats voor een vreemd soort ontroering die hij niet kende of nog maar weinig eerder had ervaren. Hij maskeerde die gevoelens door Petra stevig vast te nemen, zonder iets te zeggen. Ook zij bleef stil, en Lieselotte trok zich nu op haar beurt terug in de badkamer zodat ze de intimiteit van het paar niet verstoorde.

Zo bleven ze een even staan, Petra en Dirk. Tot zij zich losmaakte uit zijn omhelzing en eenvoudigweg zei: Mijn GSM was plat. Daarmee was alles uitgelegd en hij begreep dat zij niet hoefde te vragen waarom en hoe hij plots opdook in de studio van Lieselotte. Ze wachtten beiden nog aan de keukentafel tot de badkamer terug vrij was en Petra zich verder kon omkleden. Hij vroeg haar of het tof was geweest, de vorige avond. En dat ze dat niet meer mocht doen, vertrekken zonder opgeladen GSM. Zij antwoordde ja, en dat het nooit meer zou gebeuren.

Toen ze in de auto zaten, herinnerde Dirk zich plots dat hij de moeder van Petra nog moest bellen.

Read Full Post »

NVDR: Dit artikel is een vervolg op Petra & Dirk: hoe het begon. Dat is dan ook weer een vervolg op een ander artikel, namelijk Portret van Petra. En voor de rest bent u hopelijk slim genoeg om het zelf uit te vissen.

De agent die het telefoontje van de ongeruste Dirk beantwoordde, probeerde hem wat te kalmeren. Mijnheerrrr, zei hij met een vet Gents accent, als wij op zoek moeten gaan naar elke studente die efkes wegblijft na een fuif, we zouden niet veel anders moeten doen hé mijnheerrrrr. Kijk, ik wil u niet nog meer op uw ongemak stellen hé, maar ‘t zou ook kunnen zijn hé, mijnheerrr, dat uw vriendin gisterenavond misschien met iemand anders is meegegaan en dat ze daar is blijven slapen hé, mijnheerrr. Moest het zijn dat ge deze avond nog niets hebt gehoord, en haar ouders ook niet, dan is het best dat ge ne keer langskomt op den bureau maar liefst samen met één van haar ouders hé, mijnheerrr. Eerder kan ik toch niets doen hoor, mijnheerrr.

Dirk was door het antwoord van de flikken niet echt gerustgesteld, en verwittigde zijn baas dat die dag niet zou komen werken. Zijn baas vloekte een paar keren. Godverdomme, Dirk, gij gaat nu toch ook niet beginnen hé? Wat is dat toch met die jonge gasten van tegenwoordig? Ge kunt zien dat ge er maandag zijt hé, en die werf zal af moeten zijn tegen ‘t einde van volgende week!

Jaja, zei Dirk, maar zijn gedachten waren er niet bij. Hij probeerde zich voor de geest te halen waar die Dylan ook weer op kot zat en reed traag door de studentenbuurt in de hoop het huis in kwestie te herkennen. Petra had het hem ooit getoond herinnerde hij zich, toen ze eens samen in de stad waren gaan winkelen. Toen hij de blauwe voordeur herkende, remde hij en liet zijn wagen in midden van de straat staan. Als een gek begon hij aan te bellen. Eerst op de bel waar naast slordig ‘DYLAN’ was geschreven en toen hij daar geen reactie kreeg ook op de andere bellen. Eindelijk deed er iemand open en Dirk stormde naar boven en bonkte op de deur van Dylan. Hij greep de klink vast en merkte toen dat die niet op slot was. Hij deed twee stappen in de kleine, rommelige studentenkamer en zag Dylan die in boxershort en op zijn pantoffels bij het bed stond, duidelijk net gewekt door al het lawaai. Dirk greep hem vast bij zijn arm en schreeuwde ‘Waar is ze, waar is ze?’. Dylan was nog te gedesoriënteerd om goed te beseffen wie Dirk nu precies was en wie de ‘ze’ was waar hij naar vroeg. Hij kon dus enkel stamelen ‘ik weet het niet’, waarop Dirk geërgerd de donsdeken van het bed rukte waaronder hij beweging ontwaarde. Het bleek een naakte brunette te zijn, die duidelijk ook nog niet goed wakker was, maar wel verontwaardigd.

‘Zeg, wie zijt gij eigenlijk? En wat doet gij hier?’ protesteerde ze, terwijl ze zich wat probeerde bedekken met de punt van het deken. Dirk draaide zich om naar Dylan en zei ‘Petra. Waar is Petra? Hebt gij haar gezien gisteren?’. Dylan probeerde zich de avond van gisteren voor de geest te halen, maar in deze omstandigheden wilde dat niet zo goed lukken. Dirk werd ongeduldig toen het te lang stil bleef en gaf Dylan duw tegen de borst, waardoor die op het bed viel. ‘Ewel, hoe zit het? Hebt gij haar gisteren gezien?’. Brunette keek naar Dylan, dan naar Dirk en vroeg:

- ‘Is dat Petra VDC, die gij zoekt? Die was daar gisteren ook, ja. En ze was zo zat dat ze amper op haar benen kon staan. Ze had een paar adfundums moeten doen, en ze kan daar blijkbaar niet goed meer tegen. Lieselotte heeft ze dan meegenomen naar haar kot, dat is daar vlakbij’.

- Waar vlakbij? snauwde Dirk. En wie is die Lieselotte?

- ‘Ah, vlak bij de Sioux hé, waar de fuif was van de kring van die van de Pol & Soc. En Lieselotte is onze studiepraeses. Waarom komt gij Petra eigenlijk hier zoeken? Precies of Dylan moet nog iets weten van die trut!’ Ze giechelde.

Brunette wist na veel euhs de straatnaam te geven van het kot van Lieselotte. Het nummer kende ze niet van buiten, maar ze gaf een beschrijving die moest volstaan om het huis te herkennen. Dirk stoof weg, en lette niet op het geclaxonneer van de andere automobilisten die door de wagen van Dirk geblokkeerd stonden. Hij voerde de straatnaam in zijn GPS en reed zo snel hij kon naar zijn bestemming.

Read Full Post »

Een lezer dezes deed volgende suggestie: in de volgende aflevering begint ze een affaire met de voyageur van varkensvoer. Die heeft al jaren stiekem een oogje op haar en rijdt met een vette bak met ingebouwde webcam ;-)

We kunnen op een andere keer een discussie starten over het niveau van mijn fans, maar het was wel voer voor een interessante wending.

Twee keer per jaar organiseerde het bedrijf waar Petra werkte een ‘klantenevenement’. De beste klanten werden dan uitgenodigd om een half uurtje te komen luisteren naar een promotiepraatje over nieuw ontwikkelde producten. Petra moest dan een power point presentatie opmaken met als titel: “Meer biggen met bietenpulp in zeugenvoer” of iets in die aard. Daarna volgde een golfinitiatie of een zeiltochtje, en het geheel werd steevast afgesloten met een copieus diner. Er werd niet gekeken op een vat of een fles meer of minder, de vetste contracten werden afgesloten in de nasleep van dit soort braspartijen, dat wist iedereen. In de sector werd gefluisterd dat de echt goeie klanten ook meegetroond werden naar één of andere privébar aan de nabijgelegen steenweg.

Van Petra werd verwacht dat ze op dergelijke events de naamkaartjes uitreikte en de jassen aannam. En glimlachte. Haar baas had haar eens, toen hij lichtjes aangeschoten was, gezegd dat ze gerust nog een knoopje van haar blouse mocht openzetten hoor. Ze was toch geen non, zeker??
De overuren die ze tijdens die dagen presteerde, werden niet uitbetaald natuurlijk. Maar ze mocht, zo beloofde haar baas altijd, natuurlijk wel eens vroeger vertrekken. Voor een bezoekje aan de tandarts, of de gynaecoloog, voegde hij er monkelend aan toe. Toen ze eens naar de autokeuring moest met haar Toyotaatje, had ze ruim op voorhand een mailtje gestuurd naar haar baas met de vraag of het goed was of ze de volgende vrijdag een uur of twee vroeger het werk mocht verlaten. Omstandig legde ze uit waarom ze weg moest, en ze herinnerde hem ook aan zijn belofte. Haar mailtje werd niet beantwoord, en een dag of twee voor die bewuste vrijdag raapte Petra haar schamele moed bijeen en stapte onaangekondigd het bureau van haar baas binnen om haar vraag te herhalen. Nadat ze – nog eens – in het lang en het breed duidelijk maakte waarom ze naar de keuring moest en na geantwoord te hebben op vragen zoals ‘kan uwe Dirk dat niet doen?’ en goede raad genre ‘ge moet gij niet rijden met een Toyota, ge zoudt u beter iets Duits aanschaffen’ in de wind had geslagen (waarbij ze zich moest inhouden te riposteren dat haar loon niet toeliet dat ze zich iets Duits aanschafte, laat staan een nieuwe Duitser) kreeg ze uiteindelijk de toestemming om vrijdag vroeger te vertrekken. Maar wel op voorwaarde dat àl het werk gedaan was, en dat ze van dergelijke folietjes geen gewoonte zou maken.

Op het laatste klantenevent had ze Diederik ontmoet. Diederik was de oudste zoon van Raymond VDA, met voorsprong de grootste klant van het bedrijf. VDA was een West-Vlaams familiebedrijf van veevoederproducten dat erin geslaagd waren om in een paar tientallen jaren de hele Beneluxmarkt te veroveren. Vader Raymond ging prat op het feit dat hij maar tot zijn 14de naar school was geweest, hetgeen zich voornamelijk uitte in een slechte spelling en vulgair taalgebruik. Hij was klein van stuk met blozende koontjes en had het bijzonder moeilijk om zijn woede uitbarstingen te controleren. Achter zijn rug noemden zijn ondergeschikten hem ‘Hitler’. Nieuw aangeworven bediendes werden door hun collega’s gewaarschuwd dat ze de pater familias aan moesten spreken met ‘Mijnheer Raymond’ en kregen de raad om zich zo min mogelijk te profileren.

Toen Diederik zich met zijn vader bij Petra aanmeldde om hun badge in ontvangst te nemen begroette ze hen vriendelijk, en ze moest een beetje blozen toen Mijnheer Raymond ongegeneerd opmerkte dat ze best wat vlees mocht bijkweken, want dat ze anders nooit een goed jong zou werpen. ‘Ge zoudt gij beter wat van ons voer eten, meiske, in plaats van al die nieuwigheden van tegenwoordig’. Diederik rolde met zijn ogen en gaf haar daarna een knipoogje. Toen kreeg ze pas echt een rode kop en ze haastte zich terug aan het werk, om niet te laten merken hoe erg ze op haar ongemak was.

Tijdens de golfinitiatie had Petra gelukkig wat rust en ze trok zich terug in de bar met een koffie en het laatste boek van de Milleniumtrilogie dat ze erg spannend vond, alhoewel het niet zo goed was als het eerste dat ze had gelezen. Ze ging er zo op in dat ze Diederik verschillende keren en in crescendo ‘juffrouw’ moest herhalen vooraleer ze opkeek.

Read Full Post »

Petra & Dirk: hoe het begon.

Dirk was een klasgenoot van Pieter, de oudere broer van Petra. Niet dat die twee vrienden waren, daarvoor waren ze te verschillend. Toen Pieter aan zijn middelbare school begon waren de verwachtingen hooggespannen, en zijn moeder liet tegenover vriendinnen en collega’s graag achteloos weten dat het niveau van de Latijnse op het gerenommeerde college voor haar oudste geen enkel probleem vormde. Na de eerste examenperiode en het bijhorende oudercontact besloot het ouderpaar om Pieter bijles te laten volgen. In de loop van het schooljaar trok moeder meermaals op hoge poten naar de directeur om hem te interpelleren over de manier waarop de leraren haar zoon aanpakten en hoe het kwam dat de resultaten van Pieter, die naar haar mening erg hard studeerde, ondermaats bleven. Met veel goede wil van het lerarenkorps kreeg Pieter op het einde van dat jaar toch nog een A-attest, maar de directeur gaf toch te kennen dat het misschien beter was om een andere school en een minder zware richting uit te kiezen voor het tweede middelbaar.

Dus begon Pieter in de tweede Moderne op het atheneum. Akkoord, zei moeder tegen haar collega’s, het is wel een staatsschool, maar als ze de pik op hem hebben, dan heb je eigenlijk geen keuze hé. Ook op de nieuwe school verliep niet alles van een leien dakje. Ondanks het vermeende lagere niveau van de lessen, bleven opmerkingen als ‘Pieter kan wel, maar moet het willen’ en ‘zonder studeren zal het niet lukken’ zijn rapporten ontsieren. Bovendien werd Pieter ook een beetje gepest met zijn babyvet. Ook mocht Pieter niet deelnemen aan de turn- en zwemlessen omdat hij zwakke ligamenten had. In juni had hij drie herexamens aan zijn broek en in september werd hem een B-attest uitgekeerd. Tegen de tijd dat hij aan zijn vierde middelbaar begon was hij afgegleden naar het beroepsonderwijs, richting ‘bouw’. Ook daar brak hij geen potten: Pieter was door moeder natuur (of door zijn eigen moeder, wie zal het zeggen) behept met twee linkerhanden.
Het was in die school dat Pieter en Dirk elkaar tegenkwamen. Op schoolfeesten en opendeurdagen hadden Petra en Dirk elkaar wel eens gezien, maar meer dan enkele woorden hadden ze niet gewisseld.

Petra had het heel wat beter gedaan dan haar broer, alhoewel zij door haar verlegenheid als minder intelligent werd ingeschat. Haar moeder had er op aangedrongen dat ze de richting kinderverzorgster zou volgen, want dat zou ongetwijfeld van pas komen later, tijdens haar huwelijk. Verschillende leraren waren er nodig geweest om moeder ervan te overtuigen dat een wetenschappelijke richting ook voor een meisje een valabele optie was.

Aan de hogeschool, toen de ouderlijke controle wat verslapte, begon Petra wat open te bloeien. Ze van haar ouders de belofte afgedwongen dat ze op kot mocht vanaf het tweede jaar, uiteraard op voorwaarde dat ze slaagde voor haar eerste jaar. Ze haalde onderscheiding tijdens de eerste zittijd. Petra organiseerde mee activiteiten voor de studentenkring waar ze zich lid van had gemaakt en viel voor de charmes van Dylan, de feestpraeses. Een erg goede student was hij niet, hij biste zowat elk jaar, maar hij was een graag geziene gast, zowel bij de studenten als de lectoren. Hij kende iedereen, iedereen kende hem en een feestje was geen feestje als Dylan er niet was geweest. Petra bemoederde hem een beetje, zorgde ervoor dat hij zijn taken op tijd indiende en belde hem ‘s morgens wakker zodat hij niet langer belangrijke colleges miste. Als het echt niet anders kon (en dat gebeurde vaak), maakte zij in zijn plaats zijn papers. Dat betekende natuurlijk dubbel werk, en hoe langer hoe meer moest Petra fuiven en cantussen aan zich laten voorbij gaan om alles gedaan te krijgen.

Op een donderdagavond had ze er plots genoeg van en ze besloot onverwacht toch naar het café af te zakken waar Dylan en de rest van de bende te vinden waren. Toen ze binnenkwam zag ze hem in een wel erg innige omhelzing met een blondine en voor ze het wist had ze witheet van woede een glas bier over hun beider hoofden uitgegoten. Dylan – die al goed dronken was – greep haar zonder verpinken bij de keel. Behalve Dirk, die die avond toevallig in de studentenbuurt was beland omdat zijn favoriete voetbalploeg een Europese match had gewonnen, kwam niemand tussenbeide. Hij was groter, breder en duidelijk sterker dan Dylan. Om zijn gezicht te redden schreeuwde hij nog wat beledigingen naar Petra, maar Dirk nam haar bij de schouder en leidde haar naar buiten.

Samen zaten ze even op het trottoir, zij huilde een beetje en hij troostte haar. “Wat een klootzak!”, zei Dirk, en hij besloot dat ze die kerel maar niet langer moest zien. Nog diezelfde nacht haalden ze haar spullen van zijn kot op, en Petra liet haar sleutel op zijn bureau liggen. De CD’s, DVD’s en kleren die Dylan bij haar had achtergelaten stopte Dirk in een kartonnen doos die bij de voordeur werd gezet.

De volgende avond stond Dylan amok te maken voor Petra’s deur, en zij belde in paniek naar Dirk, die onmiddellijk alles liet vallen en ervoor zorgde dat Dylan de boodschap begreep. Daarna voerde hij haar in zijn auto naar de ouderlijke woonst, en legde kort de situatie uit. De avond daarna stond Dirk aan de deur met een bos bloemen en een uitnodiging voor de cinema. Twee weken later waren ze ook officieel een koppel.

Omdat Dirk al werkte was het voor hem moeilijk om tijdens de week uit te gaan. En gezien de recente feiten vond hij het niet wenselijk dat Petra ‘s avonds op haar eentje naar allerlei studentenfuiven ging. Zij vond het al lang goed zo, ze had er niet echt veel behoefte aan. Ze vond het ook fijn om gewoon ‘s avonds voor hem te koken op haar kot en daarna samen naar een DVD te kijken. Op de avonden dat hij niet bij haar bleef slapen, smste of belde hij haar.

Toen Petra op een avond toch uitging met haar vriendinnen en de batterij van haar GSM plat viel, was Dirk erg ongerust geweest. Zeker omdat ze die avond ook nog eens dronken was geworden en besloten had om bij een vriendin te slapen. Omdat hij maar geen antwoord had gekregen op zijn verontruste berichten en telefoontjes, was Dirk ‘s morgens vroeg naar haar kot gereden. Toen hij haar daar niet had aangetroffen, had hij eerst haar ouders en daarna de politie gebeld.

Read Full Post »

Portret van Petra.

Ze is 26 en werkt als receptioniste bij een bedrijf dat additieven voor veevoeders produceert. Het stinkt er altijd een beetje, maar in die vier jaar dat ze er werkt is ze daaraan gewoon geraakt. Dat komt omdat de geurreceptoren in de neus adaptief zijn. Eigenlijk is het wel handig zo, denkt ze. Haar vriend maakt soms nog eens op een opmerking over het geurtje dat om haar heen hangt als ze thuis komt van het werk. Ze neemt daarom steeds een douche op het moment dat ze thuiskomt en voor ze aan het eten begint. Dirk, haar vriend, is dan meestal al thuis. Hij werkt in de bouw, vertrekt vroeg (voor Petra lijkt het dan nog het holst van de nacht te zijn) en is in de late namiddag al terug. Hij doet dan de boodschappen en maakt zijn boterhammen voor de volgende dag klaar. Daarna doet hij een dutje in de zetel tot Petra het avondeten heeft klaargemaakt. Twee keer per week gaat hij voetballen, op vrijdag naar de snooker met zijn maten.

Een jaar geleden heeft hij haar ten huwelijk gevraagd, tijdens het familiediner op Kerstavond. Iedereen was zo blij voor haar, toen. Dat was het mooiste cadeau dat je ooit hebt gekregen, zei haar moeder. Haar vader heeft Dirk een flinke schouderklop gegeven, die avond. En werd daarna onnoemelijk dronken, maar dat was van de emoties. Dirk had het liefst de zomer daarna willen trouwen, maar Petra zei dat ze eerst nog wat wilde sparen. Nochtans betalen de beide ouderparen de kosten van het feest, en ze waren een beetje teleurgesteld toen Petra zo lang wilde wachten. Het feit dat ze zelf de zaal wilde kiezen in plaats van in te gaan op het genereuze aanbod om het huwelijksfeest te houden in de brasserie die gerund werd door de achterneef van Dirk had zelfs voor een fikse rel gezorgd. Maar tegen haar gewoonte in had Petra het been stijf gehouden. Ze vond stiekem dat de benaming ‘brasserie’ eigenlijk verbloemde dat het eigenlijk gaat om een dorpsfrituur met veel ambitie.

Vier jaar geleden was Petra afgestudeerd als grafisch ontwerpster. Eigenlijk was ze liever naar de kunstacademie geweest om schilderkunst of zo te studeren, maar haar ouders vonden dat idee maar niets. Ach, ze hadden wel gelijk gehad, dacht Petra. Het is niet omdat je schetsboeken vol tekent, dat je ook echt talent hebt. Ze volgde wel nog avondlessen, Dreamweaver. Gelukkig vielen de lessen samen met de voetbalavonden van Dirk, hij had er een hekel aan alleen thuis te zitten. In haar vrije tijd maakte ze ontwerpjes voor geboortekaartjes en zo, voor vriendinnen en familie. Op de hogeschool had haar leraar ‘Creatief Ontwerp’ haar ooit eens betrapt toen ze tijdens de les in haar schetsboek bezig was. Hij had het afgepakt en haar een uitbrander gegeven, en gezegd dat ze het op einde van de week mocht komen ophalen. Toen ze dat deed, had hij gezegd dat haar tekeningen erg goed waren. Ze meende zich te herinneren dat hij had gevraagd om ermee deel te nemen aan de schoolexpositie aan het einde van het jaar, maar dat zou ze zeker niet gedurfd hebben.

Toen ze afstudeerde, was de buurvrouw zo vriendelijk geweest haar te introduceren in het bedrijf waar ze nu nog steeds werkte. Het was de bedoeling dat ze de vorige receptioniste zou vervangen tijdens haar zwangerschapsverlof, maar uiteindelijk was die nooit meer teruggekomen om de één of andere reden. En blijkbaar waren ze tevreden over haar, dus bleef ze maar. Dirk was ook content, want nu konden ze gaan samenwonen in het huisje van wijlen zijn grootmoeder dat ze huurden voor een spotprijsje. Zo bleef alles ook in de familie.

Read Full Post »

Vrijdagavond.

Hij was die vrijdagavond de stad ingetrokken met het vaste voornemen dronken te worden. Zijn onrust moest getemperd worden, zijn verveling verdrongen. Een tijd geleden was het café waar hij geregeld zijn maten zag om de werkweek door te spoelen overgenomen door nieuwe eigenaars, en de veranderingen in het interieur en de muziekkeuze die het logische gevolg waren daarvan hadden ervoor gezorgd dat hij en zijn vrienden er langzaamaan wegbleven. Ze probeerden het wel, maar het was te veel moeite zich aan te passen aan de nieuwe gezichten en het feit dat ze niet meer behandeld werden volgens de status van jarenlange stamgasten was er helemaal te veel aan. Er werd wel eens gesuggereerd om een ander café te zoeken dat kon fungeren als ontmoetingsplaats, maar het bleef bij vage plannen. Meer en meer werd er helemaal niet meer afgesproken op vrijdagavond, omdat men te moe was, of te lui, of omdat het te ver was en het regende ook nog, of omdat hun vrouw naar de Zumba moest en zij dus op de kinderen moesten passen. Hij, die het zonder vrouw of kind deed, bleef achter met een gat in zijn agenda op wat vroeger de opwindendste avond van de week was. Vrijdagavond. Gedaan met werken en de belofte van een weekend die nog gloorde.

Hij had dan maar de repetitie van het bandje dat hij al jaren in wisselende bezettingen leidde naar de vrijdagavond verplaatst, maar die avond had de drummer afgezegd omdat hij ziek was. Balorig had hij dan maar de hele repetitie afgeblazen en een aantal vriendinnen gebeld of gemaild. Of ze zin hadden, die avond? Hij geloofde niet in subtiliteit, en er was een tijd geweest dat dat had gewerkt ook. Soms werkte het nog, al moest hij tegenwoordig meer aandringen – half smekend, half dreigend – vooraleer hij prijs had. Die avond ontbrak het hem blijkbaar aan doorzettingsvermogen, en de meeste van zijn mails en smsjes bleven toch onbeantwoord. Hij nam een douche, schoor zich en viste een min of meer proper hemd uit de kast. Dat het wat muf rook, zou hij wel camoufleren met een royale dosis deodorant. Toen hij zijn bril weer opzette en zichzelf nu helder in de spiegel zag werd hij weer eens geconfronteerd met het onmiskenbare feit dat zijn lichaam nu ook de vorm aannam van een man die de middelbare leeftijd nadert. Een buikje dat zich eigenlijk niet meer laat wegstoppen onder een los hangend hemd, en de eerste rimpels in zijn gezicht tekenden zich af. Niet enkel na een zware nacht met weinig slaap en veel drank, ook wanneer hij goed uitgeslapen was. Ach, dacht hij, gelukkig word ik nog niet kaal, of grijs. Dat was ook zo, en in het duister van cafés en door een vertroebelde blik kon hij nog makkelijk doorgaan voor iemand van begin dertig.

Iets na tien zat hij aan de toog van een bruin café in het centrum, die stilletjes begon vol te lopen. Hij bestelde een Duvel. Hier en daar zag hij wat vage kennissen waar hij een paar oppervlakkige gesprekken mee voerde.

- Hey!
- Hey.
- Hoe is’t?
- Goed, en met jou?
- Ook goed.
- Lang geleden hé! Wat doe jij tegenwoordig nog?
- …

Hij trakteerde een pint en kreeg er één terug. Lichtjes beneveld zat hij een uur of drie later naar zijn halfvolle glas te staren, nog niet goed wetend of hij al zou afzakken naar één van de populairdere danskroegen een eindje verderop. Hij moest op zijn minst toch proberen.

“Jij ziet er uit alsof je een Tuborg van mij wil drinken”, hoorde hij plots iemand achter zich zeggen. Hij draaide zich om en zag dat de jonge vrouw het inderdaad tegen hem had. Haarkleur ergens tussen blond en bruin in, niet geverfd. Lichtjes vooruit stekende tanden en een bril die haar wat truttig deden lijken. Maar ze was wel slank en haar borsten waren niet te groot. Het belangrijkste was dat ze jong was. Hij schatte haar ergens vooraan in de twintig.

-Zie ik er dan zo uit? Waarom dan wel?
- Goh, ja, ik weet niet. Je kijkt naar je pint alsof die je niet smaakt. En ik drink ook Tuborg, dat smaakt altijd.

Ondertussen had ze zich geïnstalleerd op de barkruk naast hem en had ze de barman door een aantal handgebaren te kennen gegeven dat ze twee Tuborgs wilde.

- Zeg, ben jij niet die gast van dat groepje dat een paar weken geleden in Café Medina heeft opgetreden?
- Ja, dat ben ik. Heb jij mij gezien?
- Ja, ik heb je daar gezien. Ik zat daar ergens op de tweede rij, rechts.
- Hmm, ik heb jou niet gezien …
- Nee, dat is meestal zo. Mensen merken mij eigenlijk nooit op. Maar ik hén wel!

Hij besloot het om – tegen zijn voornemen in – van daaraf aan wat rustiger aan te doen, zodat hij er straks nog iets van zou bakken. Toen ze uiteindelijk tegen de morgen het café verlieten, zei ze zakelijk: “Zeg, bij mij is het echt erg rommelig hoor …”.

Read Full Post »

Older Posts »

Volg

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 1.504 other followers