Misschien was het de nasleep van een week luisteren naar muziek uit de jaren ’90 op Studio Brussel. De nummers lokken herinneringen uit aan een decennium dat spannend was, turbulent en bepalend voor de richting die mijn leven zou uitgaan, al wist ik dat toen nog niet. Onverwacht en zonder dat ik er op was voorbereid dacht ik keer op keer weer aan oude liefdes, lang vergaan en in mijn huidige leven van geen tel. Mijn gevoel voor hen is verpulverd door de tijd, zij zijn getrouwd en hebben hun eigen kinderen op de wereld gezet, samen met de vrouwen die ze na mij ontmoetten.
Mijn gedachten laten mij terugkeren naar al die plaatsen waar ik heb gewoond of samengehokt, waar ik von himmelhoch jauchzend naar zu tode betrübt roetsjte alsof het niets was. Van sommige kamers herinner ik mij de groeven in het parket of de manier waarop het licht naar binnen viel. Ik weet nog welke gerechten ik in de keuken klaarmaakte en voor wie. Hoe op een nacht vol stormwind de helft van het plafond in de slaapkamer naar beneden kwam, gelukkig niet op onze kop. De geur van gaskachels ruik ik en van de wierook die ik opstookte. De bedden waar ik in sliep, het groene blad van het bureau waar ik aan studeerde.
Ik leed dus aan sentimentaliteit en melancholie. Onze geest versuikert de gebeurtenissen van vroeger en doet alsof toen alles beter was. Door het perspectief van de tijd lijken je wanhoop en je angst lang niet meer zo acuut, je kunt je niet langer voorstellen hoe je de koude trotseerde om met een krakkemikkige en onverzekerde snorfiets op het werk te geraken. Hoe je opgelicht werd door huisbazen die je waarborg achter hielden en klusjesmannen die een verkalkte boiler kwamen vaststellen. Daar moest je dan 2 weken interims voor doen, scharten en krabben en vloeken omdat je met al dat geld dat je verdiende nooit eens iets leuk kon doen. Huur betalen, gas betalen, elektriciteit betalen, eten kopen. Alles op.
Enfin, ik vond deze week alles triviaal en onbenullig. Ik vond de mensen lastig en vol van aanstellerij. Ze stelden wat mij betreft de verkeerde vragen en dat ook nog eens op het verkeerde moment. Ze deden moeilijk zonder reden, zochten spijkers op laag water. Ik ergerde mij aan alles en iedereen rond mij. Natuurlijk deed niemand anders dan gewoonlijk, net als beauty in the eye of the beholder ligt, zo ligt ook al de rest daar.
Toen kwam de man met de zeis ook nog eens totaal onverwacht (pdw) ophalen. Nu ga ik mij niet laten voorstaan op de paar woorden die ik ooit met de man wisselde op Twitter, maar het deed me toch iets. Een mens beseft bij het aanhoren van zulk nieuws dat ook hijzelf niet onsterfelijk is, en dat er nog allerlei dromen en plannen op het schap liggen te verstoffen onder het motto ‘geen tijd vandaag, misschien morgen’, terwijl het helemaal niet zeker is dat ook wij het nog eens zullen zien dagen in het Oosten. Godverdomme, grijp dat leven toch bij de lurven en doe niet langer alsof tijd een gratis goed is, onuitputtelijk en vrij te verkrijgen (zolang de voorraad strekt).
I cannot rest from travel: I will drink
Life to the lees: All times I have enjoy’d
Greatly, have suffer’d greatly, both with those
That loved me and alone
(Ulysses – Tennyson).

Mooie impressie
Dank je wel.
Wonderlijk, de schoonste schrijvers krijgen de minste reacties. Mooi hoe je schrijft. Ik volgde je al op twitter en stuitte per toeval op je blog. Dank je.
Jij bedankt voor dit mooie compliment …